Showing posts with label fascisme. Show all posts
Showing posts with label fascisme. Show all posts

Saturday, November 9, 2024

Copy/paste .... jawel ...

 .... puur plagiaat dus ... en wel van David van Reybrouck .... zo van zijn FB pagina overgenomen ... en wel omdat ik het zelf niet mooier had kunnen samenvatten:

Het fascisme begint bij het verlangen naar een frisse start, een radicale breuk

(Gisterenmiddag geschreven op vraag van De Standaard, ondanks grote vermoeidheid en herrie aan boord.)

Ik zit op een cargoschip op de Noordzee. Vanmorgen schoot ik om halfzes wakker toen voorbij Vlissingen de motoren eindelijk voluit mochten gaan. Het gebulder uit de onderbuik van het schip had niets te maken met het gezapige kabbelen op de Westerschelde van de voorbije uren. Op mijn gsm zag ik dat ik nog steeds bereik had. De nieuwssites die ik aanklikte, bevestigden wat ik al enkele weken vreesde en gisteren nog op Facebook uitdrukte. Het was niettemin een tweede keer ruw ontwaken in de kale kajuit.

De herverkiezing van Trump komt niet uit de lucht vallen en past in een trend die we de laatste jaren overal zien, de terugkeer van een rancuneuze, masculiene, autocratische, populistische en in simplismen grossierende politieke cultuur. De narcistische bullebak als leidersfiguur. Ressentiment als motor van persoonlijke ambitie en maatschappelijk project. Woede als waarde. Onbeschaamdheid als deugd. Stompzinnigheid als trots.

Wie denkt dat de zege van het trumpisme enkel en alleen toe te schrijven valt aan die ene, rare figuur van Donald Trump in dat ene, rare land dat Amerika heet, heeft het mis. Diezelfde Trump had in de jaren zestig of zeventig geen schijn van kans gemaakt, echt zero, ook niet bij de Amerikaanse kiezer. Maar vandaag boeken trumpiaanse types succes in tal van moderne democratieën. Dat komt deels doordat ze zijn stijl en recepten kopiëren, maar vooral doordat overal in de voorbije decennia een vruchtbare voedingsbodem is gegroeid voor dit soort retoriek en ideologie. Het onvoorstelbare van vannacht is volkomen voorspelbaar als je naar de platentektoniek van de geschiedenis kijkt.

Hoe totaal verschillend ze ook waren, het communisme en het fascisme die in het interbellum in Europa opgang maakten boden een antwoord op het rampzalige falen van de parlementaire democratie. Communisten vonden verkozen parlementen bourgeois instellingen uit de late negentiende eeuw die enkel de belangen van de hogere middenklasse en de aristocratie verdedigden, met alle uitbuiting tot gevolg. Enkel de dictatuur van het proletariaat kon dat rechttrekken. Fascisten beschouwden parlementen als duffe, lamme praatbarakken voor onderling eindeloos bakkeleiende partijen die mijlenver afstonden van de vitale levenskracht en de gezonde volkswil. Maar in plaats van een bottom-up alternatief van arbeidersraden en landbouwerskolchozen kozen zij voor het top-down model waarbij de hoogste leider de belichaming van het ware volk moest voorstellen. De gevolgen kennen we.

Na de Tweede Wereldoorlog hield het westen het communistische en fascistische experiment voor bekeken en besloot het terug te keren naar het oudere parlementarisme, maar met één belangrijk verschil: het vrije ondernemerschap moest veel meer aan banden worden gelegd dan in de late negentiende en in de vroege twintigste eeuw het geval was geweest. Het tijdperk van het ‘democratisch kapitalisme’ was geboren, dat moeizame compromis tussen de volkswil en het vrije ondernemerschap, tussen de massa en de kassa. Het volk mocht om de zoveel jaar zijn vertegenwoordigers aanduiden via het algemeen stemrecht in vrije en eerlijke verkiezingen. Ondernemers behielden op hun beurt de vrijheid om te ondernemen, maar moesten verplicht regulier overleg pleegden met afvaardigingen van hun werknemers. Het sociaal-economisch overleg was geboren. Het wilde kapitalisme werd aan banden gelegd. De kassa moest voortaan enigszins rekening houden met de massa. En via inkomstenbelastingen zorgde de staat voor een redelijke herverdeling van de welvaart. De sterkste schouders droegen de zwaarste lasten, de zwakste schouders kregen een duwtje in de rug.

Dertig jaar ging het goed. De trente glorieuses, de periode van ruwweg 1945 tot 1975, brachten welvaart, voorspoed en vooruitgang, niet alleen voor de top van de samenleving, maar ook en vooral voor de basis. De generatie van mijn grootouders kreeg kansen die hun ouders nooit gehad hadden: een beter loon, een bescheiden huis, weekend, vakantie, ziektezorg, pensioen en bovenal een betere toekomst voor hun kinderen. Iedereen ging erop vooruit.

Aan dat optimisme kwam een einde toen verschillende economen beweerden dat de belofte van het democratische kapitalisme—gezamenlijk voorwaarts!—stukken goedkoper kon gerealiseerd worden als de markt een pak overheidstaken op zich nam. Moesten spoorwegen, posterijen, telefoonmaatschappijen, rusthuizen, hospitalen, ziekteverzekeringen, banken en luchtvaartmaatschappijen allemaal wel in handen van de staat blijven? Tal van overheden hadden er oren naar. De oliecrisis van de late jaren zeventig dwong hen inmiddels op zoek te gaan naar minder dure alternatieven. Het neoliberalisme begon met de belofte van evenveel kwaliteit voor minder geld, maar wijzigde de verhoudingen fundamenteel: liep de markt dertig jaar lang aan de hand van de staat, dan liep vanaf de jaren tachtig en negentig de staat steeds vaker aan de hand van de markt. De kassa kreeg meer te zeggen dan de massa. Openbare diensten kalfden af terwijl vele prijzen stegen. En terwijl de omzet aan de kassa jaar na jaar bleef groeien, ging de koopkracht van de massa er niet noemenswaardig op vooruit. Gevolg: een ongelijkheid die al dertig jaar aan het groeien is. De belofte van het democratische kapitalisme was een illusie geworden.

Het succes van het trumpisme in het westen ent zich op die lange-termijnontwikkeling. Sinds de jaren negentig plukken steeds minder mensen de vruchten van de vooruitgang. De aanslagen van 2001 en de bankencrisis van 2007 zorgden voor nieuwe vijanden onder- en bovenaan de maatschappelijke ladder: migranten, managers en ministers. De asielcrisis van 2015 gooide nog meer olie op het vuur: die van onder kregen nu ook nog eens alle steun van die van boven, klonk het. De klimaatjongeren van 2019 waren kennelijk ook nog eens te jong, te rijk, te slim, te vrouw en te boos om anderen de les te mogen spellen—dat ze het niet waagden aan biefstuk, benzine en Benidorm te komen! Sinds 2020 is het hek helemaal van de dam. De razendsnelle opeenstapeling van majeure crisissen— corona, Oekraïne, energiecrisis, inflatie, Nabije Oosten, overstromingen en bosbranden—maakt een terugkeer naar de naoorlogse normaliteit volkomen onmogelijk. En voor steeds meer mensen ook volkomen onwenselijk.

Onderzoek na onderzoek heeft aangetoond dat overal in het westen het enthousiasme voor democratie verdwijnt. Al vijftien jaar lang kalft het vertrouwen af. Dat is tegelijkertijd dramatisch en niet te verwonderen: als de democratie haar belofte op collectieve vooruitgang niet meer kan waarmaken, gaan mensen elders hun heil zoeken. Als betekenisvolle inspraak van de massa het keer keer op keer aflegt tegen de stille macht van de kassa, hoeft het niet te verbazen dat steeds meer mensen afhaken. Wie burgers herleidt tot kiezers, krijgt nukkige consumenten. Onze samenlevingen zijn ten diepste verdeeld tussen mensen die wel nog vinden dat er enigszins naar hen geluisterd wordt en mensen die die hoop helemaal hebben laten varen, tot er een verlokkelijk alternatief langskomt. Naarmate die laatste groep groeit, sterft de democratie langzaam af.

Een goede vriendin die journaliste is, appte mij vorige week dat ze naar fatalisme begon te neigen: “Ik kan het bijna niet meer bedwingen. Als je ondanks alles wat bekend is op een fascist stemt, dan heb je ook recht op fascisme.” Ik vrees dat het nog veel erger is. Blijkbaar hebben veel mensen er gewoon wel zin in. Het fascisme begint niet uit onwetendheid voor de gevolgen, maar uit verlangen naar een radicale breuk, een frisse start, een schoon schip. Kennelijk voelen velen zich zozeer belazerd door het huidige systeem dat het perspectief van een volslagen brutaal alternatief, hoezeer het ook van de leugens en loze beloftes aan elkaar hangt, hoezeer het ook afkomstig is van een veroordeelde crimineel die de belichaming is van het neoliberale verraad van het democratisch kapitalisme, aanlokkelijk en feestelijk lijkt. Net zoals in 1933.

Tuesday, January 27, 2015

70 jaar geleden



Vandaag is er weer eens de nodige aandacht voor een concentratiekamp.
Al veel over gezegd en telkens lijken woorden weer tekort te schieten.

Sunday, October 9, 2011

Buchenwald

De feiten, verhalen en het beeldmateriaal achter onderstaande links kunnen als schokkend ervaren worden!



Woensdag 7 september namen we de bus 6 vanaf het Goetheplatz in Weimar naar Buchenwald, het voormalig konzentrazionslager en eindpunt van deze buslijn.
Bij de toegangs- en infobalie namen we een visualguide op de i-phone. Een gids voor een bepaalde uitgestippelde wandelroute met beeld en geluid over het terrein. Deze maar voor een deel gelopen en afgeluisterd. Van tegen half een tot iets over vieren op Buchenwald doorgebracht. Het was er winderig koud en wat onwerkelijk en onaangenaam indrukwekkend.



De weg vanaf Weimar omhoog naar de Ettersberg werd aangelegd door gevangenen, ten
koste van vele levens en werd daarom de Bloedstraat genoemd. Het laatste stukje toegangsweg vanaf het station, de Carachoweg, met gebouwen van de SS aan beide zijden leidt dan naar de poort met daarop in smeedijzer nog altijd de wrange tekst prijkend:

Jedem das Seine



Aan de linkerkant van de poort een vleugel, de bunker genaamd, waar een paar machtswellustelingen de ongelukkige slachtoffers, die in de smalle cellen aan beide zijden van de smalle gang zaten, verhoorden en naar believen folterden en martelden tot de dood er op volgde.
Aan beide kanten van de poort/ingang het hek met prikkeldraad en lampen. Achter die poort en dat prikkeldraad kijk je uit op een nagenoeg kale en naar omlaag aflopende vlakte waar de grondvlakken nog zichtbaar zijn waarop de barakken stonden toen de nazi's hier op hoogst koele, meedogeloze wijze en met bureaucratische nauwgezetheid en bedrijfsmatige efficiëntie dood en verderf zaaiden.
Nog een enkel gebouw staat overeind zoals het crematorium met daaraan een ruimte waar gevangenen misbruikt en mishandeld werden als proefkonijn voor medische experimenten. Zo werden in Buchenwald ook gevangenen als proefkonijn gebruikt om een vaccin tegen vlektyfus te ontwikkelen. Vlak daarachter een oude paardestal waar de SS een zogenoemde nekschotmachine installeerde. In de rechterhoek achterin twee gebouwen; een met kunstuitingen door gevangenen van Buchenwald en door eigentijdse kunstenaars over Buchenwald en soortgelijke kampen en een groot depotgebouw met een permanente tentoonstelling over de verschrikkingen en dagelijkse praktijk van verontmenselijking zoals die in dit en andere kampen gewoon waren.
Hoewel ik zoals menigeen wel redelijk goed denk of meen te weten hoe het in sommige concentratiekampen toeging is het toch wel uitermate ontnuchterend om op deze plek zo met je neus op de feiten gedrukt te worden en te zien waar mensen, dus bij wijze van spreken u en ik, zoal toe in staat zijn, hoezeer we een ander mens kunnen vernederen en onszelf verlagen in naam van domme ideeën, vermeende glorie, het onwrikbare grote gelijk, grootheidswaan en destructieve ideologieën.

Jedem das Seine!

Ook de carrière, levenswandel, daden en de karakters van een aantal SS-ers worden er vrij breed uitgemeten en beschreven. Zoals van de twee kampcommandanten Karl Koch en Hermann Pister, lieden van opvallende middelmaat, die via de nationaalsocialistische partij opklommen en hier hun 'moments of glory' beleefden. Jedem das Seine?
En van Ilse Koch die de bijnaam de heks van Buchenwald kreeg. En van beestachtige lieden als de beulen van de eerdergenoemde gang met cellen of de beruchte Martin Sommer.
Bij beschrijvingen van dit soort 'plegers' denk ik niet zelden: het zal je oom of je opa maar zijn.



Aan de andere kant van de scheidslijn van de macht telde Buchenwald zo'n 250 000 gevangenen van 1937 tot 1945 waarvan er zo'n 56 000 omkwamen. Buchenwald was in principe geen vernietigingskamp was maar een concentratiekamp voor dwangarbeid. Toch functioneerde het in het vernietigingsbeleid van het Nazi-bewind, nu bekend als Holocaust of Shoah, ook als doorgangskamp en gingen bepaalde de nazi's onwelgevallige groepen er een wis en zekere dood tegemoet.

Buchenwaldovenslijkverbranding

Jedem das Seine?

In het Depotgebouw is o.a. een documentaire te zien met interviews met herinneringen en overpeinzingen van overlevende ex-gevangenen. Daarin komt natuurlijk ook de vraag aan de orde hoe ze destijds de kracht en de volharding konden opbrengen die jaren van uitputting en vernedering te doorstaan. Een antwoord luidde herhaaldelijk dat de inspiraitie en de bron van hun strijd en verzet was en blijft het niet toegeven aan, meegaan in en de grove botheid en domme sprookjes van het fascisme.
Onder de gevangenen van Buchenwald treffen we de nodige bekende namen die zich ook later vaak niet onbetuigd lieten in de strijd tegen totalitair en fascistoïde gedachtegoed.



Jedem das Seine?

Ja, wat zou dan het onze zijn en wat zou ons als welvarende Westerlingen in deze tijd welbeschouwd rechtmatig toekomen? Wie het weet mag het zeggen. Ik weet het effe niet. Overkomt het u ook wel eens als u terugkeert van een reis of vakantie u het gevoel heeft dat het nieuws van alledags vooral door onbenulligheden beheerst wordt? Een rondgang over Buchenwald zoals deze dag heeft een dergelijk effect maar dan iets sterker. Discussies als bv. over de financieel-economische verwikkelingen rond de Eurocrisis, wie al dan niet de rekening gepresenteerd gaat krijgen, wie de brave harde werkers zouden zijn, wie de luiaards of de feestvierders en wie er op de blaren zouden moeten zitten komen dan toch zomaar wat bevreemdend over.

Jedem das Seine?

Met wat we 'de bevrijding' noemen, lieten de Amerikanen 2000 inwoners van Weimar hier verplicht rondkijken om met eigen ogen te zien wat hier aangericht was zodat dat niet ontkend of vergeten zou worden.
Na de overdracht van dit gebied aan de Sovjet-Unie nam de russische geheime dienst het kamp opnieuw in gebruik om er aanvankelijk nazi's en hun medestanders te interneren, maar dat wel al snel uitgebreid met een ieder die als vijand van de Sovjet-Unie en diens ideologie gezien werd.
In de daarop volgende vijf jaar verbleven er 30 000 gevangenen waarvan er 7000 de dood vonden.

Bepaald niet vrolijkstemmend zo'n bezoek aan Buchenwald wel confronterend en wellicht leerzaam voor wie er van wil leren…



We kwamen ook nogal wat groepen schoolkinderen in Buchenwald tegen. Het is hier in Duitsland voor veel jeugd natuurlijk verplichte kost en deel van hun opvoeding/scholing om kennis te nemen van deze zwarte bladzij in de geschiedenis.