Merkte ik eerder al eens op dat er weleens iets dubbelzinnigs schijnt te kleven aan het je theoretisch verdiepen in de aard van moraliteit, iets dergelijks gaat op voor de alledaagse praktijk van opvoeding en moraliteit. Want ook als je zo ongeveer alles gedaan zou hebben wat God verboden heeft en al moet je constateren dat je zelf in dit leven toch wel behoorlijk slecht en verdorven bent geworden of geweest, dan zul je als ouder en/of opvoeder doorgaans toch wensen en hopen te bewerkstelligen dat je kind niet diezelfde weg inslaat en hopelijk wat steviger in de schoenen zal staan wanneer geconfronteerd met keuzes van morele aard.

En daarmee belanden we dan bij het thema van
de morele opvoeding. Een bepaald niet altijd even gemakkelijk of populair onderwerp dat wel al geruime tijd de speciale aandacht geniet van de pedagogische faculteit van de
Amsterdamse VU.
Met name de faculteit theoretische- en historische pedagogiek hield (,en naar ik aanneem,
houdt) zich daar mee bezig. B. Spiecker en J.W. Steutel hebben daar in pedagogenland enige naam en faam mee verworven. Ben Spiecker ontving voor zijn inspanningen op dat terrein nog de
Kuhmerker Career Award, die
als eerste ooit aan
Lawrence Kohlberg werd uitgereikt.
Een belangrijk thema dat met name door deze pedagogen werd uitgelicht en besproken betreft
de rol van deugden en emoties in de morele opvoeding. Dat met de
'conceptuele analyse' uit de
taalanalytische filosofie als hun
methodisch hoofdgereedschap en vaak steunend op inhoudelijke argumenten zoals we die kunnen vinden in een filosofische traditie die van, laten we zeggen,
Aristoteles tot
Martha Nussbaum reikt.
Dat lijkt dan een tegenhanger of aanvulling te zijn van of overstijgt in ieder geval een al te cognivistische benadering van onze
morele ontwikkeling.
Enerzijds door de (her)waardering van een
deugdenethiek waarmee het belang van karaktervorming benadrukt wordt.
Anderzijds door ook en met name emoties een belangrijke en motiverende rol toe te kennen in onze moraliteit.
Zo beschreef Ben Spiecker bijvoorbeeld
'schuld' en
'schaamte' mede als
morele emoties. En wel in de zin dat ze (naast de mogelijke irrationele aspecten en vormen ervan) ook als
rationele emoties aangemerkt kunnen worden.
Zie in dat verband bv. ook de visie van Nussbaum op emoties. Het kunnen ervaren van schuld- en/of schaamtegevoelens dwingt ons namelijk door de bank genomen om dergelijke gevoelens zo mogelijk te vermijden en indien we er wel aan onderhevig zijn om ons voor onze daden te verantwoorden, spijt te betonen en zaken wensen te herstellen, kortom onszelf in morele zin te verantwoordelijk te voelen voor ons doen en laten en aan een bepaalde morele standaard te willen voldoen.
Het gegeven dat de zogenoemde
psychopaat of ook wel
'morele imbeciel' niet of nauwelijks door dergelijke gevoelens geplaagd lijkt te worden, pleit eens temeer voor deze kijk op de aard van onze moraliteit.

Morele opvoeding behelst dan wel iets meer dan het bijbrengen van bepaalde kennis. Niet slechts of in de eerste plaats
het weten maar vooral ook
het voelen en
het willen zullen in belangrijke mate bepalen of we ons al dan niet
moreel gedragen. Het gaat dan vooral om vragen als hoe en in hoeverre een karakter zich laat vormen tot deugdzaamheid, hoe in opvoeding en vorming
altruïstische emoties als
empathie en
sympathie ofwel een zekere gevoeligheid voor en betrokkenheid bij het wel en wee van de ander te stimuleren en te bevorderen en op welke wijze zouden
regelemoties als
schuld of
schaamte zich laten beïnvloeden of
aanleren.
Voor de liefhebbers en geïnteresseerden hier een
rescensie en hier een
proefschrift aangaande deze materie.
Prof. B. Spieker door
Frederik de Vos
Niet de meest eenvoudige vragen waar je snel simpele rechtlijnige antwoorden op kunt verwachten. (Bezie in dat verband bv ook eens het verhaal van Fallon)
Wel uiterst interessante vragen die raken aan de kern van we wat onze normen en waarden plegen noemen en bepalend zijn voor de aard en de vorm van het menselijk samenleven.
Hoewel vragen rond moraliteit altijd en overal doorheen spelen was dit toch maar even het laatste blogje over
dat M-woord met soms een grote M en soms een wat kleinere m.
Bovendien komt straks die bisschop uit Spanje weer langs om te kijken of we allemaal wel braaf geweest zijn en dan wordt het alweer kerstmis, ook al zo'n feest van bezinning, menselijke goedheid en commercie. Daar moest ik dan maar niet teveel doorheen kletsen.

Als laatste opmerking: een waardevrije opvoeding bestaat volgens mij niet of je moet al aan iets als de
wolfskinderen denken en je aan
het verboden experiment willen wagen, een waarde(n)volle opvoeding lijkt dan toch het enige mogelijke alternatief.