Showing posts with label psychobabbel. Show all posts
Showing posts with label psychobabbel. Show all posts

Saturday, August 29, 2015

P.S. Sofa-sofie

Nu we dan hebben mogen vernemen dat we allergisch zijn voor autoriteit, heimelijk lijden aan liefdesverdriet en o zo moeilijk met alles dat maar enigzins afwijkend is om kunnen gaan, luidt de vraag of daar nog iets aan te doen is ofwel: is er nog hoop op genezing?
Om ons over die vraag te kunnen buigen organiseert Filosofie Magazine een avond met de drie Belgische psychiaters onder de gelijknamige titel: Nederland op de sofa.
FiloMaglogo
Op 26 november in Pakhuis de Zwijger te Amsterdam.
Kaarten alhier verkrijgbaar.

Friday, August 28, 2015

Vlaams-Hollandse sofa-sofie

Filosofie Magazine vroeg drie Vlaamse zielenkenners en/of zielenknijpers om de Nederlandse samenleving eens op de sofa te leggen, waarvan verslag in het septembernummer.
FiloMaglogo

Met het oog op het ideaal van 'zelfkennis' hier wat citaten daaruit voor de landgenoten die dit magazine niet lezen:

Paul Verhaeghe:

In reactie op de maatschappelijke omwentelingen van de zestiger jaren:
Maar zoals wel vaker voorkomt bij maatschappelijke omwentelingen, kwam er een overcorrectie. De Nederlandse uitdrukking 'moet kunnen' geeft heel mooi de paradox weer van 'de bevrijding'. Moet kunnen. Alles wat voorheen verboden was, werd nu verplicht.
Het verdacht maken en ondermijnen van elke vorm van autoriteit doet zich ondermeer sterk voelen in de opvoeding:
Een crisis van de opvoeding is vaak het symptoom van een maatschappij in crisis. En dat is ook wat er in Nederland aan de hand is, stelt Verhaeghe.
'Waar autoriteit verdwijnt, komt er macht voor in de plaats. Onze politieke en economische situatie levert daarvan een gevaarlijke illustratie.'
en
'Een groot probleem hierbij is dat het fundament voor autoriteit weliswaar is weggevallen, maar dat de piramides er nog steeds zijn. Daar zien we hoe autoriteit verdwijnt, en macht ervoor in de plaats komt.We zitten in pirimidale machtsbolwerken. Kijk naar politiek; daar is geen autoriteit, het is pure macht.
Dat wordt nu des te duidelijker als we kijken naar de EU en Griekenland. Het recht van de rijkste die de eisen op tafel legt regeert. En dat is gevaarlijk.'
'Een gevolg hiervan is dat politici en leidinggevenden arrogant worden, en de 'gewone man' onderschatten. Religie en traditie zijn mede verdwenen omdat steeds meer mensen toegang hebben tot opleiding en kennis.
'
Om uit dit doodlopende spoor te kunnen geraken bepleit Verhaeghe 'horizintaal georganiseerde autoriteit' en een vorm van politiek gebaseerd op 'deliberatieve raadpleging'. En zijn advies voor Nederland:
Nederland moet naar een andere politiek, die niet meer volledig in dienst staat van de economie, maar terug is in de handen van de mensen.
Tot zover de man van eerder de Identiteit en nu de Autoriteit.
Dan Dirk de Wachter: Hij wist in ons land eerder een gevoelige snaar te raken met zijn Borderline Times.
Zijn nieuwe boek Liefde. Een onmogelijk verlangen? gaat over de wenselijke illusie van ‘de enige ware’ en verbondenheid vinden in het gewone.
De Nederlandse samenleving is een boeiend voorbeeld van die universele drang naar liefde. 'In jullie kleine landje zijn enorm grote verschillen. Enerzijds heb je de VPRO-kijkende, bakfiets-rijdende, grachtengordel-wonende mens, anderzijds de gereformeerde, toch wel streng-denkende mens uit de Bible Belt. Ondanks de verschillen vindt mijn nieuwe boek weerklank bij beide groepen.'
en
Het is een paradox. Liefde bestaatin de dagelijkse gewonigheid, maar wel in haar onwaarschijnlijke schoonheid. De mens is gedoemd tot duurzame hechting, en die vind je als je samen op de bank zit te kijken naar een buitengewoon oninteressant tv-programma, maar je toch uitverkoren voelt omdat je met die ene bent. Waar mensen slecht mee om kunnen gaan is datgeluk in die gewonigheid onvermijdelijk is.
Nederlanders hebben de neiging tegenslagen te ordenen in psychopathologische hokjes en dan die hokjes op te lossen met professionele hulp. Ik stel juist ont-psychiatrisering voor. Tegenslag verbindt mensen vaak meer dan vrolijkheid. In het delen van de kleine verdrietigheden toont zich juist de ware liefde.'
Damiaan Denys borduurt nog wat door op nederland en het abnormale.
In ons land voldoet bijna de helft van de bevolking aan de officiële criteria voor een psychische stoornis (42 van de 100). Dat is volgens Denys niet omdat we opeens allemaal zo gek geworden zijn maar omdat Nederlanders moeite zouden hebben om abnormaliteit te verdragen ofwel met het afwijkende om te gaan.
Maar ja, wat mag dan de norm zijn of heten?
De nieuwe norm is dolelmatigheid en controleerbaarheid geworden; alles moet snel en makkelijk oplosbaar zijn. En we passen die criteria nogal rigide toe.
'Die ontwikkeling naar efficiency zagen we al opkomen in de jaren zestig, waarin we afstand namen van religieuze betekenissystemen en politieke ideologieën in de overtuiging dat wij als individu het centrum van het heelal zijn en alles zelf doen. Die individualisering is alleen maar toegenomen. We zijn allemaal Mark Ruttes geworden: individuen die zichzelf centraal stellen en met een glimlach alles snel en pragmatisch oplossen. Zo ziet de Nederlandse samenleving eruit.'
Wat maakt onze samenleving zo problematisch? Voor Denys is het helder. 'We kunnen niet in een wereld leven zonder dat daar betekenis aan toe is gekend. En omdat we zo geíndividualiseerd zijn moeten we plots zélf betekenis aan de wereld toekennen. Maar dat lukt niet, omdat betekenis het individu overstijgt.
en
Abnormaliteit is een restproduct van onze maatschappij. Het is de stront van onze begrijpelijkheid. Hoe meer normaliteit we vreten, hoe meer abnormaliteit we schijten. We hebben het begrijpelijke verengd tot een smalle strook waarop slechts een minderheid zich wankel staande kan houden. En wie buiten deze functionaliteit valt, die is abnormaal.' We moeten niet onze wenkbrauwen fronsen om de abnormaliteit, concludeert Denys, maar om ons onvermogen om met abnormaliteit om te gaan.
Dat weten we dan ook weer.
Met dank aan de zielendokters van bij onze zuiderburen.

Friday, July 17, 2015

Aandacht voor het hechtingsproces en ...

Een favoriet en telkens terugkerend thema op het blog van Henk50 is dat van 'hechting' bij onze (dier)soort 'de mens'. Zelf heb ik me, op dit blog, ook nog eens aan een paar stukjes over dit boeiende onderwerp gewaagd.
Dat dit onderwerp ook werkelijk boeit bleek me eens temeer uit de belangstelling en de reacties van mijn collega's toen diezelfde Henk50 op het werk twee cursusmiddagen over 'hechting en gehechtheid' gaf.

Deze week brachten Marilse & Ewoud het thema 'hechting', onder de noemer ouder-kindrelatie, onder de aandacht in De Correspondent.

In een reactie op dat artikel werd ik attent gemaakt op het boek en de bijzonder doorwrochte en interessante inzichten van de, mij tot dan onbekende, antropologe Jean Liedloff. Met haar verfrissende en behartenswaardige kijk op de vroegkinderlijke ontwikkeling en daarbij tevens massieve kritiek op onze (beschaafde?) Westerse cultuur te zien en te horen op Vimeo:

Jean Leidloff - The Continuum Concept from Touch the Future on Vimeo.

Wednesday, April 15, 2015

Nico Frijda (1927-2015)

In memoriam, Nico Frijda, de man die in de psychologie en wetenschappelijk onderzoek onze emoties weer op de kaart zette.
Frijda beschouwde emoties als behartiger van belangen van een persoon. Niet als irrationele , maar als functionele krachten
aldus Agneta Fischer van de UVA.
Over zijn eigen emoties met betrekking tot zijn ervaringen in de oorlog zei hij ooit in Vrij Nederland:
Bij rampen zoals oorlog zit er weinig anders op dan emotie te onderdrukken.
Ik had besloten een betonnen deksel op mijn verleden te leggen. Dat doe je omdat je bang bent dat anderen het niet aankunnen als erover praat en omdat je bang bent zelf gek te worden als je het doet

Tuesday, March 31, 2015

Elk risico uitsluiten

We kunnen onmogelijk elk risico in het leven uitsluiten. In de luchtvaart, en op steeds meer terreinen, wordt dat links- of rechtsom toch expliciet als belangrijk(st)e doelstelling nagestreefd.
Nu die onneembare gesloten deur, die bedoeld was om elk risico uit te sluiten, opeens zelf een risico bleek te vormen, bedacht men direct dat er ten alle tijde twee personen in de cockpit aanwezig zouden moeten zijn. Toen ik dit op het nieuws hoorde vroeg ik me af: zou er niet beter ook meteen maar een dienstdoend psychiater als crewmember mee moeten aan boord van elke vlucht?

Arnon Grunberg oppert dat een dergelijk type, op de persoonlijkheidsstructuur gerichte, zielzorg niet tot een beroepsgroep als die van de piloten beperkt hoeft te blijven.
Zou de samenleving er niet bij gebaat zijn om ook politici eens aan wat diepgaandere psychologische test te onderwerpen en daar ook wat openheid over te verschaffen? Ik vermoedt zomaar dat momenteel veel bankemployés hun bazen ook wel eens graag aldus gescreend zouden zien.

logo_V_volkskrant Ik weet niet of het wel helemaal door de kopierechtelijke beugel kan, maar hier de voetnoot uit de krant van gisteren:
Voetnoot Psychologische test

To nu toe bestond de psychologische test waaraan piloten worden onderworpen voornamelijk uit zelfrapportage. Een paar vragen, meer niet. Dat zal na Andreas Lubitz, wat de uitkomst van het onderzoek ook zal zijn, veranderen, hoewel suïcide-expert Thomas Bronisch in de Süddeutsche verklaart dat er geen reden is om aan te nemen dat psychiatrische patiënten gevaarlijker zijn dan zogenaamd gezonde mensen. De scheidslijn tussen ziek en gezond, normaal en abnormaal, is als bekend flinterdun.
Als piloten aan een uitgebreidere test zullen worden onderworpen, zou het dan ool niet aardig zijn om ook politici dergelijke uitgebreide tests te laten doen? Zij kunnen immers ook een land, of regio, in de afgrond storten. Ook zou het sympathiek zijn als politici de resultaten openbaar zouden maken. Niet om te stigmatiseren, om risico's beter in te kunnen schatten. Het is namelijk mijn hypothese dat veel politieke besluitvorming het gevolg is van niet of slecht behandelde persoonlijkheidsstoornissen.

Arnon Grunberg

Saturday, February 28, 2015

McGilChrist, Kahneman en Bolte Taylor revisited

Vandaag in De Correspondent een mooie samenvatting van wat opvattingen over en inzichten in het menselijk brein en psyche door drie vorsers van de menselijke ziel die, naar mijn smaak, ook iets zinnigs en interessants te melden hebben.
Wat dit blog betreft McGilChrist, Kahneman en Bolte Taylor in de herhaling en hieronder mooi samengevat door Thalia Verkade:
Dit is wat er dagelijks misgaat in je hoofd
Over wat er zoal niet altijd even gladjes verloopt en correspondeert in die bovenkamer van ons.

Wednesday, January 7, 2015

Memory

Memory ofwel geheugen.
Gisteravond op VPRO-televisie een bijzondere en een heel mooi gemaakte documentaire daarover gezien.
First Cousin Once Removed waarin Alan Berliner de door alzheimer getekende laatste levensfase van de dichter/schrijver Edwin Honig, die ook zijn achterneef, vriend en voormalig mentor was, op indringende wijze in beeld weet te brengen.



Kijk hier

Thursday, December 18, 2014

Mens erger je niet

... is behalve doorgaans goede raad uiteraard ook een bekend en populair gezelschaps- en bordspel. In ons land uitgebracht door de firma met die slurf.

Mens-erger-je-niet

Misschien wel weer eens leuk als surprise voor onder de kerstboom straks.
Maar behalve een spelletje is het ook nog de titel van een boek over spelletjes.
Het is dan de Nederlandse vertaling van 'Games People play', door de Canadees-Amerikaanse psychiater Eric Berne.
Berne werd als psychiater opgeleid in de psychoanalyse, studeerde nog onder Erik Erikson en ontwikkelde de Transactionele analyse of kortweg TA.

Tja, die homo ludens toch met al z'n spelletjes.

Wednesday, November 12, 2014

Onze kresj

'Kresj', aldus gespeld, is typisch zo'n woord dat stamt uit het 'kreatieve eksperiment' van de anti-autoritaire beweging van de jaren zeventig. Het staat niet voor 'crash' (alhoewel?) maar voor 'crèche', zo'n peuter- en kinderbewaarplaats waar men toch meer wil doen dan alleen maar bewaren en oppassen en dus ook iets aan en met de ontwikkeling van het grut wil doen. Zoiets verleidt allicht tot het dromen over 'de nieuwe mens' en overijverige idealistische lieden willen dan weleens uiterst gedreven aan de haal gaan met wilde ideeën over 'de maakbare mens'. Dat blijkt dan niet zelden op een 'idee fixe' uit te lopen en op het creëren van een mensbeeld à la carte.

Kreslogo Gisteravond keek ik met meer dan normale belangstelling naar de 2Doc documantaire 'Onze kresj' van Marije Meerman en haar broer Gregor. Beide filmmakers verbleven zelf als peuter en kleuter op deze Amsterdamse anti-autoritaire crèche.
Het was een vervolg op haar debuutfilm over hoe de kinderen die tijd ervaren hadden en wat er van ze geworden was.
Nu lag de nadruk op de progressieve 'ouders van toen'; wat waren hun motieven en idealen en hoe zien ze op hun handelen destijds terug wat is er van het beoogde doel terechtgekomen? Daarbij was of werd het ook een zoektocht naar hun moeder.

Volgens de aankondiging in de VPRO-gids is het een met humor en compassie gemaakte film geworden, die ook ontroert en dat vind ik ook.

Het, wat mij betreft, meest pregnante en samenvattende commentaar over het uit door de bocht vliegen van de goede en welgemeende intenties van weleer en het verworden van idealen tot ideologie werd gegeven door ene Tineke wanneer ze op de vraag van de documentairemaakster of ze haar moeder als een vrije of bevrijde vrouw zag uiterst weloverwogen antwoordde:
In zekere zin wel maar ik had niet het gevoel dat ze happy was
en op de vraag waarom denk je dat:
Mijn gevoel is dat Hilde, net zomin als ik, .. echt durfde contact te maken met .. hoe ze zich voelde bij wat er feitelijk gebeurde .. dus dat werd bemiddeld door hoe ze vond dat ze zich moest voelen .. en dat had ik ook ..; en dat is .. ik denk dat .. als je werkelijk naar bevrijding toewilt, dan moet je beginnen bij hoe je je werkelijk voelt; maar dat sloegen we over op de een of andere manier
Hoe mooi verwoord; zie daar in een notendop de reden waarom, zoals men wel zegt, een revolutie haar eigen kinderen pleegt te offeren of op te eten en tevens de aanleiding tot heel veel meer menselijk ongemak.

titelanderekresj De geïnterviewde, inmiddels wat wijzer geworden, voormalige revolutionairen en radicalen leken zich op sommige momenten toch wel eens iets ongemakkelijk te voelen over en zich lichtelijk te verontschuldigen voor hoe en wat ze ooit dachten.
Toch werd er vooral open en eerlijk teruggekeken op hun gedachtenwereld van toen. Waar men in blinde of politieke radicaliteit doorschoot werd meestentijds allang erkend en verwerkt. Dat men doorgeschoten was in een, ten koste van eigenheid en authenticiteit, afgedwongen vrijheid werd wel unaniem erkend en uitgesproken. Maar zo merkten de meesten op, daar waar wij grote missers maakten de ene kant uit, tegenwoordig schiet men toch wel erg door de andere kant uit in de richting van overbescherming, overregulatie en permanente surveillance.
Dat ben ik dan weer volledig met die ex-radicalen en voormalig revolutionairen eens.

Ik wordt dan toch benieuwd hoe lang we moeten wachten op een even indringende docu over die mallotige en beperkende misstanden van nu?

Sunday, August 10, 2014

Ken uw ‘selfie’

Door een nogal uitbundige en opvallende (over)ijver aan schrijverij en publicaties van een hoogleraar economie aan de VU kwam onlangs zomaar het merkwaardige woord ‘zelfplagiaat’ in omloop. De man schreef namelijk wel meer dan eens iets twee keer op. Uiteraard geen schoolvoorbeeld van economisch woordgebruik maar ach, toch ook niet helemaal onvoorstelbaar of iets om je druk over te maken. Maar in de wereld van de wetenschappelijke publicaties zou het vertekeningen in de ‘ranking-systemen’ kunnen geven en besloot men dat zoiets derhalve ‘not done’ is.

Ik vond en blijf het maar een maffe kreet vinden: zelfplagiaat.
In de berichtgeving destijds rond de genoemde topeconoom Nijkamp werd toch ronduit beweerd en/of gesuggereerd dat zoiets toch echt niet koosjer of helemaal fris kon zijn. Maar wat zou zelfplagiaat nu anders zijn dan weer eens je eigen woorden aanhalen en wat zou daar dan laakbaar of bijzonder aan zijn? Sommige mensen van zekere leeftijd doen nauwelijks anders.
Zelfplagiaat is geen plagiaat.
En Klaas citeert eens wat uit Dante
Of Peer haalt Casanova aan
En ik ik blijf de superarrogante
Ik haal nog steeds mijn eigen woorden aan
zong Jacques Brel in Les bourgeois ofwel De burgerij
Nederlandse tekst

Nu zou er voor mij zeker niet zo best uitzien wanneer het naar jezelf verwijzen of je eigen woorden aanhalen bij wet verboden zou zijn. Dan zou ik nog weleens een aardig tijdje kunnen moeten brommen, want ik maak er op dit blog nogal eens een hobby van om door middel van links naar mezelf te verwijzen.
Goed, het riekt wellicht wel een beetje naar wat overdreven eigenwaan of narcisme. Maar ik dacht dat dat de norm was tegenwoordig met al die ‘selfies’ en al dat etaleren van jezelf op de zogeheten ‘social (of andere) media’.
En zeg nu eens zelf, wanneer hebben we het welbeschouwd dan niet over onszelf? Dell_selfie_sized Onlangs las ik op een ander blog nog wat verhelderende opmerkingen over narcisme vanuit vooral een (ontwikkelings-)psychologisch perspectief.
Ja, wat een gedoe toch telkens met dat narcisme van ons!
Het heeft in ieder geval een slechte naam de aanduiding 'narcisme’ en alleen het woord al roept in onze cultuur bij voorbaat al een storm aan boe-reacties op, terwijl we in diezelfde cultuur het ontwikkelen en praktiseren van een nogal narcistische levenshouding vaak gepropageerd en gestimuleerd zien en dat vervolgens niet zelden op onverholen bijna idolaat hoezee- of hoera-geroep kan rekenen.
Narcisme betekent zoveel als geobsedeerd zijn door jezelf en je spiegelbeeld. Maar we huldigen toch ook vaak het motto: ken uzelf; en hoe zou je jezelf nu ooit kunnen leren kennen wanneer je niet bij tijd en wijle je spiegelbeeld zou mogen of moeten aanschouwen?
Gezien de directheid en de actualiteit van het beeld leert de spiegel ons daar, dunkt me, heel veel meer dan een foto ooit zou kunnen.

We houden elkaar toch zeker niet voor niets zo graag de spiegel voor.
Spiegeltje, spiegeltje aan de wand ……..
mirrorsmall
Mirror, Mirror …..
Dat is de titel van een boek van Simon Blackburn met de ondertitel: The Uses and Abuses of Self-love.
Hier een mooi en vrij omvattend artikeltje (d.w.z. in ieder geval iets diepgravender dan het bekende nummer Spiegelbeeld door onze Willeke) door Blackburn naar aanleiding van dat boek aangaande het thema amour-propre en de prangende vraag: kunnen we ook een gezond gevoel van eigenwaarde ontwikkelen zonder in die val van het zelf als idool en de weerspiegeling van niets dan ijdelheid verstrikt te raken?

Volgens Han werkt werkt het huidige kapitalisme behalve depressie ook nog eens nadrukkelijk narcisme in de hand.


Tja en als ik dan nog eens in de spiegel kijk hoef ik me in ieder geval niet meer af te vragen of mijn tienertijd nu wel echt voorbij is.

Wednesday, July 23, 2014

Boe of hoera en zwart-wit denken

Misschien wel eens handig zo’n reflexieve boe danwel hoera reactie. Je weet direct waar je aan toe bent; of het goed en veilig is of niet. En wat je te doen staat; juichen of huilen, vechten of vluchten.
In dat opzicht lijken onze cultureel bepaalde boe- en hoera-reacties rechtstreeks in het verlengde te liggen van en verwant aan de (primitieve?) overlevingsmechanismen van ons lymbisch systeem en aan wat recentelijk wel als systeem 1 aangeduid wordt: weinig reflectief dus.
Hoo-ray Als evolutionair onstane overlevingstrategie bijzonder nuttig en handig. Wanneer die overlevingsvraag echter niet concreet aan de orde is maar wel allerlei andere vragen omtrent het hoe en wat der dingen, kunnen die boe- en hoera-reacties weleens zomaar wat in de weg gaan zitten en ons een helder zicht op de werkelijkheid ontnemen. Vluchten De dichotomie goed/slecht is nu eenmaal niet overal dienstig of van toepassing evenmin als de tegenstelling zwart-wit. Toch hebben we de sterke neiging om in dergelijke welles-nietes beelden en categorieën te denken. Het bevredigt blijkbaar onze, niet te temmen, behoefte aan een simpele en een eenduidig overzichtelijke wereld.
Die allergie voor meerduidigheid is evenals een als lastig ervaren kloof tussen denken en doen een bron van twijfel en daar voelen we ons meestal niet zo senang bij en roepen we ook niet zo gauw 'hoera' bij.
HoeraLoesje Het recente succes van een (naar ik begrepen heb qua inhoud en stijl vrij slecht geschreven) boek als ‘Vijftig tinten grijs’ doet dan toch weer vermoeden dat veel mensen vaak ook niet echt tevreden zijn met slechts zwart of wit. Booh! En dat zwart-wit denken is toch bepaald niet altijd aangenaam of weldadig voor de mens. Mensen die boos zijn, echt vervuld van woede of wrok of mensen die ernstig depressief zijn zijn ook zwart-wit kijkers en denkers bij uitstek. Zij hebben last van kokerzicht en kunnen niet anders; ze zijn geneigd om alle nuances te missen zolang ze vast en gevangen zitten in hun emotie. Het is een bekend gegeven dat woede aldus dom maakt!
Er is dan sprake van blikvernauwing met een soort van binair denken tot gevolg; iets is 0 of 1, min of plus, debet of credit, altijd of .. of en niet en .. en, welles of nietes, goed of slecht, zwart of wit of … boe of hoera!
Tja, dat zwart-wit denken is het toch ook niet atijd en kan wel eens weinig goeds beloven.

Frank Boeijen zong ooit:
Denk niet wit, denk niet zwart
denk niet zwart-wit
maar in de kleur van je hart

Tuesday, July 15, 2014

HMiG Vragenvuur (6) Došen

Als vervolg op Hollandse Meesters in Gesprek vonden eind vorig jaar een aantal bijeenkomsten plaats waarin de afzonderlijke meesters/deelnemers van/aan het gesprek onder de titel 'Vragenvuur' blootgesteld werden aan een interview en een aantal vragen uit het publiek.

De video's daarvan wil ik als vervolg op het voorgaande ook hier op dit blog weer even onder de aandacht brengen van collega's en mogelijke belangstellenden.

Deze laatste aflevering was zeker niet de minst interessante. Aan psychiater Anton Došen de eer van hekkensluiter in deze serie Vragen(v)uur.
Daar Došen voor hij medicijnen ging studeren als jongeman aanvankelijk overwoog om filosofie te doen en de psychiater toch in wezen een arts is die zich vooral met de geest bezighoudt, ligt het voor de hand dat hem hier gevraagd wordt naar het lichaam/geest probleem en zijn positie daarin.
Wat mij betreft altijd een interessante vraag.
Došen betoont zich geen aanhanger van een reductionistische maar meer van een holistische benadering van de mens en van zijn vak. Zelf spreekt hij graag van een integratieve benadering.
Hij haalt Karl Jaspers aan, die 100 jaar geleden al zei dat 'psychiatrie zonder filosofie toch maar een trieste zaak is'. En zo is het maar net! Het zou maar en dreigt ook inderdaad weleens een armetierige boel te worden.

Ook komt de, blijkbaar niet of nauwelijks te vermijden, spraakverwarring rond de begrippen classificatie en diagnostiek hier weer aan de orde.
Došen pleit ondermeer voor het ontwikkelen van profielen van gezonde ontwikkeling en besteed enige aandacht aan beteksnis en toepassing van het begrip 'mentaliseren'.
Opmerkelijk is ook dat Došen, naar aanleiding van een vraag hierover, en evenals Heijkoop, sociale ontwikkeling en emotionele ontwikkeling als twee onderscheiden aspecten van de psycho-sociale ontwikkeling ziet en benoemt; en wel opmerkelijk omdat het in deze tak vaan zorg toch steeds gebruikelijker wordt om van en over sociaal-emotionele ontwikkeling te spreken.



Interessant is ook de repliek die Došen op een artikel en voorstel van Wijnroks (juni 2013) geeft vanuit vooral een ontwikkelings- en evolutionair perspectief. Het voorstel van Wijnroks behelst het schrappen uit het 'woordenboek van de hulpverlening' van de begrippen onder- maar vooral overvragen als bepalende invloeden op het cognitief en emotioneel functioneren en ontwikkeling en ons tot een eenvoudiger(?) stressmodel te beperken. Anton Došen raadt Wijnroks aan de literatuur toch eens wat beter door te nemen en concludeert min of meer dat dit hele idee ingegeven lijkt door de behoefte aan simplificatie maar in de praktijk zal leiden tot grove oversimplificatie.
Dan vind ik het in dit verband toch wel een beetje flauw dat niet meteen ook maar even gevraagd werd wat Došen dan vindt van het voorstel van Duker om de begrippen ADHD en autisme ook maar volledig te schrappen uit het jargon en diagnostische- en verklaringsmodellen ten faveure van het continuüm prikkelzoekend danwel prikkelmijdend gedrag.

en het complete verhaal: Hollandse meesters in gesprek

Hollandse Meesters in Gesprek met Ina van Berckelaer-Onnes
Anton Došen aan het woord
Gijs van Gemert aan het woord
Pieter Duker aan het woord
Jacques Heijkoop aan het woord

College door een Hollandse bovenmeester
Vooruitblik of tikkie terug?
1 Vakmanschap is …..
2 De meesters over management
3 Wat weten we van dat werk?
4 Ideologie (in de zorg?)
5 Toekomst ….?
Nog effe napraten; HMiG

HMiG Vragenvuur (1) van Berckelaer-Onnes
HMiG Vragenvuur (2) van Gemert
HMiG Vragenvuur (3) Duker
HMiG Vragenvuur (4) Rispens
HMiG Vragenvuur (5) Heijkoop
HMiG Vragenvuur (6) Došen

Saturday, July 12, 2014

Boe of hoera?

Voelt, klinkt of waarderen we iets als boe of hoera? Dat lijkt me in veel gevallen een zinnige en zeker een er allerzins toe doende vraag! Levert iets een boe- danwel een hoera-reactie bij je op? Moet Jantje huilen of moet Jantje lachen?
Die vraag kun je je overigens bij alles stellen, zo ook bij het lezen van dit blogje.
duim omhoog omlaag
Het was, als ik me niet vergis, Alfred Ayer die de term booh- and hooray-words lanceerde in zijn werk Language, Truth, and Logic uit 1936.
Ayer was een belangrijke held en voorvechter van het logisch-positivisme. In deze quasi-objectiverende benadering zijn ethische en estethische oordelen een kwestie van gevoel en/of smaak, valt daar derhalve niet zinnig (lees wetenschappelijk of verifiëerbaar) over te twisten en daarmee worden alle uitspraken in dat domein uiteindelijk zin- en betekenisloos.
Deze meta-ethische theorie, die stelt dat alle uitspraken over ethische kwesties in feite uitingen van emoties zijn, bedoeld om de betreffende emoties te uiten of om anderen over te halen de betreffende emoties over te nemen, staat ook wel bekend als ‘emotivisme’ of ‘the hurrah/boo theory’.
Stevenson werkte deze theorie verder uit. boehoe Zoals je je wellicht in kunt denken, geeft een dergelijke theorie al gauw aanleiding tot de nodige vragen en discussie. Iets daarover hier en hier voor de liefhebber, maar op dit moment heb ik even geen belangstelling voor scherpslijperij in deze. Desondanks wil jullie deze mooie video-uitleg over dat ‘emotivisme’ door de erudiete Engelse scholiere Komilla Chadha niet onthouden.

Wat mij aan deze kwestie vooral intrigeert en waar het mij nu even om te doen is, is dat, los van de implicaties voor de fundering van een ethiek, onze beleving en betekenisverlening behoorlijk doorspekt lijken van wat je zo mooi boe en/of hoera reacties zou kunnen noemen.
Als toeneigende danwel afwerende drijfveren lijken ze diepgeworteld en ons gedrag in belangrijke mate te sturen zowel op individueel alsook op groepsniveau. Vaak bijna voorspelbaar en met een welhaast dwingend karakter dat bijna doet vermoeden dat het in het verlengde ligt van hoe we als baby op lust- en onlustgevoelens reageerden. Dat wil zeggen dat zoiets op vergelijkbare wijze een bijna automatische en primaire of diepgewortelde reactie wordt.
Het gaat in ‘the hurrah/boo theory’ echter niet meer over darmkrampjes, honger of kou maar over verbale danwel verbaliseerbare uitingen die ons op de een of andere manier dan blijkbaar wel weer darmkrampen kunnen bezorgen, de kou om het hart doen slaan danwel de hartverwarmende aanleiding kunnen vormen tot een vreugdedansje of zoiets.
Tijdens het afgelopen WK bijvoorbeeld, hebben we beide soorten reacties weer in diverse toonaarden mogen horen en aanschouwen. hooray

Zo laten woorden en teksten zich dan in principe dus ook scoren op de reactie die ze teweegbrengen bij een bepaald individu of groep. (en dat wordt dan dus ook gedaan) Snelle reclamejongens en marketingmeiden weten daar natuurlijk wel meer van.
Dan gaat het dus over wat woorden zoal in de de onderbuik kunnen bewerkstelligen of ten goede danwel ten kwade. Aan een boektitel refererend zou je van ‘De betovering van de taal’ kunnen spreken of anders wel over ‘de dwingelandij van de taal’.
Die appreciatie danwel depreciatie van nominale verwijzers zien we overal zowel op groepsniveau als op individueel niveau en die twee zijn natuurlijk niet los van elkaar te denken. hoerasprongetje
Ten aanzien van dit fenomeen op individueel vlak zijdelings even een vraagje aan de psychiater:
Mogen we het terug associeren naar zo’n eerste sterke reactie en dat weer in de context van destijds kunnen plaatsen wellicht als de basis en het grondidee van Freud’s psychoanalyse beschouwen?
vraagtekens Maar hoeveel wijzer worden we dan per slot van rekening van het hele scala van boe en hoera reacties dat we plegen te vertonen?

Tuesday, July 1, 2014

HMiG Vragenvuur (5) Heijkoop

Als vervolg op Hollandse Meesters in Gesprek vonden eind vorig jaar een aantal bijeenkomsten plaats waarin de afzonderlijke meesters/deelnemers van/aan het gesprek onder de titel 'Vragenvuur' blootgesteld werden aan een interview en een aantal vragen uit het publiek.

De video's daarvan wil ik als vervolg op het voorgaande ook hier op dit blog weer even onder de aandacht brengen van collega's en mogelijke belangstellenden.

De vijfde gast in de serie vragenvuur was Jacques Heijkoop, de doctorandus uit het gezelschap der geleerde meesters.
Ik ben, moet ik zeggen, zelf niet bekend met de 'methode Heijkoop', maar herinner me wel destijds getroffen te zijn door zijn artikeltjes in de Klik in de 80-er jaren. Daarvan staat mij nog bij de term 'anders kijken'.
Via een wereldwijd bekend literair werkje van Daniel Defoe, te weten het 28 jaar durende avontuur van ene Robinson Crusoe, stuiten we langs wat antropologische overwegingen op de bottom-line van Heijkoop's mensbeeld: wij zijn als mensen overlevers en je kunt als mens soms veel kunnen maar je redt het nooit helemaal alleen! Toch ook weer zo'n mensbeeld waar ik me wel aardig in kan vinden.



Het komt me voor dat Heijkoop in dit vragenvuur in zekere zin het moeilijkste verhaal tot dusver te vertellen en uit te leggen heeft. Niet zozeer omdat het een onbegrijpelijk verhaal zou zijn dat nauwelijks of niet aansluit op de alledaagse werkelijkheid van het leven maar eerder omdat het omgekeerde het geval is en probeer (denkbeeldig) met een vis maar eens een gesprek aan te gaan over de werkelijkheid en de kenmerken van water.
Voor lieden met een onwrikbaar vertrouwen in 'de wetenschap' en een wat strenger sciëntistisch mens- en wereldbeeld zou dit weleens als een toch niet geheel coherent verhaal of zelfs abracadabra over kunnen komen.
En bij de stelling dat het verleden niet echt helpt om het heden te begrijpen maar dat wat we in het heden vinden, denken en doen ons wel helpt om dat verleden te duiden, zullen de meeste mensen toch even achter de oren moeten krabben om dit bij vorsers van onze geschiedenis welbekende gegeven even tot zich door te laten dringen.
De wetenschapsopvatting van Heijkoop is dan ook duidelijk en nadrukkelijk niet 'objectivistisch' zoals Rispens in zijn inleidend college reeds opmerkte.

De methode Heijkoop lijkt zich kort samen te laten vatten als een permanent en nooit definitief gezamenlijk onderzoek naar het wie, wat en waarom van de persoon van de ander; en dan vooral naar de vraag 'wie ben jij dan en wat wil of wat zoek je zoal?'.

en het complete verhaal: Hollandse meesters in gesprek

Hollandse Meesters in Gesprek met Ina van Berckelaer-Onnes
Anton Došen aan het woord
Gijs van Gemert aan het woord
Pieter Duker aan het woord
Jacques Heijkoop aan het woord

College door een Hollandse bovenmeester
Vooruitblik of tikkie terug?
1 Vakmanschap is …..
2 De meesters over management
3 Wat weten we van dat werk?
4 Ideologie (in de zorg?)
5 Toekomst ….?
Nog effe napraten; HMiG

HMiG Vragenvuur (1) van Berckelaer-Onnes
HMiG Vragenvuur (2) van Gemert
HMiG Vragenvuur (3) Duker
HMiG Vragenvuur (4) Rispens
HMiG Vragenvuur (5) Heijkoop
HMiG Vragenvuur (6) Došen

Thursday, June 19, 2014

En mijn mensbeeld dan? (10)

Als ik er dan telkens zo op hamer dat iedereen, of men zich daar nu bewust van is of niet, er (een) mens- en wereldbeeld(en) op na houdt, zal dat dus ook voor mezelf gelden, nietwaar? Ja, dat moet dan wel!
Hoe ziet dat mensbeeld van mij er dan uit?
Tja, dat is dan wel weer een wat moeilijke vraag voor mijn simpele brein waar ik niet zomaar een kant en klaar antwoord op heb.
Human-Brain-made-of-people-TEDxAmsterdam Ik kan me namelijk in de meeste van de bekende en gebruikelijke antwoorden op de vraag: wie is of wat kenmerkt de mens? wel aardig tot heel goed vinden.
Een ‘redelijk en zedelijk wezen’; een ‘rationeel wezen’, nou ja soms toch wel of niet dan?; een ‘sociaal wezen’, nou toch vaak ook wel?
Wat dat laatste betreft wees Kant fijntjes op onze ‘onmaatschappelijke maatschappelijkheid’ ofwel we voelen een sterke behoefte om erbij te horen en in gemeenschappelijkheid te leven en anderzijds willen we ons af- en onderscheiden, onze eigen weg gaan en graag boven de anderen uitsteken. De mens is het ‘ongezellige gezelligheidsdier’.

En, het is vaker gezegd, dat ‘denkende en sprekende dier’ bedient zich van taal; woont in de taal, zou je kunnen zeggen. ‘Mens’ en ‘menselijkheid’ zijn toch synoniem met cultuur en niet met natuur al zijn we natuurlijk ook gewoon ‘organische wezens’ en hoe we ook kwekken en palaveren, we blijven ook aan de wetten der natuur gebonden.
adamenevamessup De ‘homo faber’ heeft het toch maar verrassend ver geschopt met zijn gereedschap als je de ontwikkeling van de stenen bijl of speerpunt tot het huidige oorlogsarsenaal in ogenschouw neemt. Of zie de stand van lucht- en ruimtevaart of dat vernuftige smartfoontje. Het belangrijkste en meest cruciale stukje gereedschap in deze hele ontwikkeling hebben we toch waarschijnlijk altijd bij de hand namelijk die handen van ons met die opponerende duim.

Onze verhouding tot de techniek staat momenteel wat extra in de belangstelling en was dit jaar het thema in de maand van de filosofie. In ‘Plato’s hoax’ - Inleiding in de kunstgrepen van de techniek, de inleiding van ‘Een stok om mee te denken’ haalt Coen Simon de Duitse filosoof Helmuth Plessner aan die zegt dat de mens ‘van nature kunstmatig’ is en hij ziet als een van de beslissende kenmerken van de menselijke conditie dat de mens een ‘bemiddeld onmiddelijk’ wezen is. Een onderwerp waar je niet zomaar even de essentie van vat of over uit(gedacht) raakt.
(zie bijvoorbeeld: Kunstmatig van nature; Onderweg naar Homo sapiens 3.0 door Jos de Mul)
conevolutie Dan hebben we naast vele anderen ook nog de ‘homo ludens’ en uiteraard de ‘homo economicus’ die nog altijd en alom in opmars lijkt te zijn en al tellend en (be)rekenend de wereld lijkt te overwoekeren.
Een niet onbelangrijke eigenschap van die homo economicus is overigens, diens weliswaar kortzichtige en op de korte termijn gerichte maar toch, diens toekomstgerichtheid.
geld
In ‘Stuiten op geluk’ schrijft hoogleraar psychologie Daniël Gilbert:
Zoals een filosoof heeft gesteld is het menselijk brein een ‘anticiperende machine’ en het ‘maken van toekomst’ is zijn belangwekkendste activiteit.
In het eerste hoofdstuk ‘Reis naar anderooit’ typeert hij ons met De Zin ‘De mens is het enige dier dat nadenkt over de toekomst’ als ‘anticiperende wezens’. Dat lijkt mij, alle aandacht voor het hier-en-nu ten spijt, ook ontegenzeggelijk het geval.

quote-the-man-of-science-like-the-man-of-letters-is-too-apt-to-view-mankind-only-in-the-abstract-james-frazer-65658

Zo zijn er nog tientallen en wel honderden dingen te bedenken die de mens meer dan iets anders zouden kenmerken. En dan zijn daar natuurlijk weer de nodige combinaties mee te maken. De hele vraagstelling lijkt sterk verwant aan de bekende kip- en wereldvragen en roept dan ook regelmatig kip-of-ei-vragen op.
eibum Dus zou ik zo nog wel een uurtje door kunnen gaan om het bescheiden lijstje hierboven aan te vullen maar dat zal ik niet doen, want dan zou ik misschien nog het zicht volledig kwijtraken. Stond er in Delphi niet ergens geschreven: ‘Alles met mate’, en ik dreig nu door de bomen het bos al uit het zicht te verliezen. De mens is blijkbaar een behoorlijk gecompliceerd wezen en in ieder geval niet zo makkelijk onder één noemer te vangen. Zoveel vermoedde ik overigens al een poosje.

Ik gaf al aan dat mij toch als het meest in het oog springende kenmerk voorkomt dat wij mensen zingevende en/of zinzoekende wezens zijn. Wat zou ik daar dan nog meer voor zinnigs over kunnen zeggen of nog toe kunnen voegen aan wat vele denkers en wetenschappers, die er niet zelden hun levenswerk van maakten, reeds bevroed en gemeld hebben. Ik betwijfel trouwens ten zeerste dat, in tegenstelling tot wat vaak gedacht lijkt te worden, de wetenschap ooit het ultieme antwoord op de fundamentele vragen naar de mens en het menszijn zou kunnen geven. Het lijkt me wat realistischer om die antwoorden af te laten hangen en af te lezen aan wat wij als mensen en als mensheid van onze werkelijkheid, ons bestaan en onze toekomst brouwen en daarin aan antwoorden weten te vinden en te formuleren op de zingevingsvragen die zich ongetwijfeld op zullen blijven dringen. Recept 10 In of boven die tempel in Delphi stond trouwens ook: ‘Ken uzelf’. Nu lijkt me de vraag naar een mens- en wereldbeeld net zo iets als de vraag naar ‘het zelf’. Die identiteitsvraag kun je je als individu stellen: ‘wie ben ik?’ en we kunnen hem als ‘family of man’ stellen: ‘wie zijn wij?’. Het lijkt mij dat die twee vragen nogal wat met elkaar van doen hebben en nooit helemaal los van elkaar gezien kunnen worden.

Hoever we als mensheid dan met die vraag opgeschoten zijn lijkt me overigens nog hoogst dubieus. Naarmate de diverse wetenschappen ons van steeds meer gedetailleerde kennis lijken te voorzien over ons fysiek, biologisch, psychisch en sociaal functioneren en allerlei aspecten aangaande de ontwikkeling van een en ander, lijken we nauwelijks verder te komen of soms zelfs achteruit te hobbelen waar het de samenhang, het overzicht, het doel of, laten we zeggen, de zin van ons bestaan betreft. En zullen we ooit tot die kern doordringen? Worldview
Ik wil, kan of zal hier dus maar geen pogingen doen om uitgebreid of gedetailleerd in te gaan op of uit te weiden over mijn mens- en wereldbeeld. Dat valt niet te doen omdat ik er bij lange na nog niet uit ben en het me veel te gecompliceerd is. Het spijt me de nieuwsgierige lezer teleur te moeten stellen maar het is nu eenmaal niet anders. Voorzover ik er wel duidelijke opvattingen over op na houd zullen die, naar ik aanneem, vast wel tussen de regels door te lezen te zijn.
Wat ik er nog wel over kwijt kan en wil is dat de bottomline van mijn mensbeeld simpelweg is dat we toch allemaal uit hetzelfde hout gesneden zijn en de bottomline van mijn wereldbeeld is dat we uiteindelijk allemaal in hetzelfde schuitje zitten.

Onlangs zag ik in de boekhandel zowaar een boek liggen met de titel ‘Antropologie voor dummies’. Wellicht dat dat boek enige soelaas biedt voor lieden die worstelen met vragen over het wezen of de ware aard van de mens. Ik heb het boek niet gelezen maar ik heb toevallig wel een ander boek gelezen dat ook nog eens heel toevallig(?) vrij nauw aansluit op mijn eigen gedachten over deze materie en daarbij nog wat extra verdieping en verse inzichten oplevert.
Dat boek heet ‘Aping Mankind’, Neuromania, Darwinitis and the Misrepresentation of Humanity door Raymond Tallis die hiermee, wat mij betreft een belangrijke en waardevolle bijdrage levert aan het huidige debat over wat wetenschap ons over de mens en daarmee over ons zelf kan vertellen.

Het laatste woord is in deze dan maar eens aan Tallis:

Voorafgaand:
Ben jij ook zo uniek?
Mens- en wereldbeeld
Mens- en wereldbeelden (2)
Onze mens- en wereldbeelden (3)
Retteketet, wereldbeelden à la Ted? (4)
Drie mythen, hulp en wereldbeeld (5)
Mensbeelden, mimesis en memen (6)
Mensbeelden à la carte? (7)
Mensbeeld à la de Ruyter (8)
De mens als zingever (9)

Tuesday, May 27, 2014

De mens als zingever (9)

… of als zinzoeker?
Dat is mij om het even.

Zo in die tijd dat ik kennis maakte met dat mensbeeld zoals met die vier pijltjes en een lijn loodrecht daarop door Piet de Ruyter in schema gezet (en waar ik nogal gecharmeerd van was), stuitte ik ook ergens op de boektitel: De zingever; met als ondertitel: Een inleiding tot de studie van de mens als betekenend, waarderend en agerend wezen.
jaap-kruithof-683x396 Naast dat de naam van auteur te weten Jaap Kruithof mij nogal opviel, wisten ook die titel en ondertitel mijn nieuwsgierigheid wel te wekken. Die titel deed mij ook vermoeden dat de Ruyter hier weleens enige inspiratie uit opgedaan zou kunnen hebben.
Ik heb dat boek (voornamelijk uit en als curiositeit) later ook eens bij een antiquariaat op de kop getikt.

Ik ga hier maar niet echt op de inhoud van dat boek in omdat daar zoveel instaat dat ik dat niet allemaal bevatten en/of onthouden kan. Het staat in ieder geval vol met schema’s; zo’n 86 om precies te zijn. Te beginnen met schema’s van het bekende type S -> R. Het derde en laatste deel van deze vrij omvattende behandeling van het onderwerp draagt dan weer de titel ‘De mens als zingevend wezen’.
Twee fragmenten uit het voorwoord:
Wie elk jaar aan studenten lesgeeft over wijsbegeerte, wordt ertoe gedwongen na te denken over fundamentele problemen. Dit boek is het resultaat van zo’n reflectie; aan de redactie ervan heb ik twee jaar gewerkt.
Nu de tekst gepubliceerd wordt, blijft er bij mij een gevoel van onbehagen achter. De reële mens is complexer dan wat er over hem gezegd wordt in deze studie. In een geschrift de rijkdom van de werkelijkheid adequaat weergeven, is een onmogelijke opgave. Men moet noodgedwongen schematiseren en simplificeren.
….
Door de gedachtegang in een bepaalde ordening te structureren heb ik misschien een impliciete antropologische theorie naar voren geschoven. Wie er een vindt, beschouwe haar als hypothetisch. Het is immers nog te vroeg om een steekhoudende wetenschappelijke leer betreffende de mens op te stellen.
We kunnen nogal wat opvattingen over en kenmerkende typeringen van de mens vinden in diverse wijsgerig of andersoortige antropologische verhandelingen, zoals die uit diverse wetenschappen, en we komen ze uiteraard ook tegen in de gangbare common-sense opvattingen over de mens. Afgezien van dat die mens rechtop pleegt te lopen, met één been in de natuur geworteld lijkt te zijn en met het andere in de cultuur, wel een redelijk en een zedelijk wezen genoemd wordt dat zonder zijn gebruik van taal en gereedschappen hulpeloos verloren zou zijn en zomeer lijkt mij toch onze meest kenmerkende menselijke eigenschap dat we zingevende en zinzoekende wezens zijn.
Vandaar de titel van dit bijna sluitstukje in de reeks over mens- en wereldbeelden!

<< vorige | volgende >>

Wednesday, May 21, 2014

HMiG Vragenvuur (1) van Berckelaer-Onnes

Als vervolg op Hollandse Meesters in Gesprek vonden eind vorig jaar een aantal bijeenkomsten plaats waarin de afzonderlijke meesters/deelnemers van/aan het gesprek onder de titel 'Vragenvuur' blootgesteld werden aan een interview en een aantal vragen uit het publiek.

De video's daarvan wil ik als vervolg op het voorgaande ook hier op dit blog weer even onder de aandacht brengen van mogelijke belangstellenden.
De aftrap was aan de deskundige bij uitstek inzake autisme in verband met opvoedingsproblematiek en iemand met zowel een klinisch als een wetenschappelijk oog voor zaken ofwel Ina van Berckelaer-Onnes:



Autisme, autisten en autistiform gedrag ten over in onze wereld, je ziet het overal om je heen en misschien ook wel bij jezelf, maar het gaat hier om een overduidelijke en welomschreven groep en diagnose; alhoewel, welomschreven wanneer je de discussies rond dit onderwerp en bijvoorbeeld de classificatie door de DSM een beetje volgt is het duidelijk dat je altijd en overal, dus ook hier, grijze gebieden tegenkomt die zich wat lastig laten duiden en definiëren.

en het complete verhaal: Hollandse meesters in gesprek

Hollandse Meesters in Gesprek met Ina van Berckelaer-Onnes
Anton Došen aan het woord
Gijs van Gemert aan het woord
Pieter Duker aan het woord
Jacques Heijkoop aan het woord

College door een Hollandse bovenmeester
Vooruitblik of tikkie terug?
1 Vakmanschap is …..
2 De meesters over management
3 Wat weten we van dat werk?
4 Ideologie (in de zorg?)
5 Toekomst ….?
Nog effe napraten; HMiG

HMiG Vragenvuur (1) van Berckelaer-Onnes
HMiG Vragenvuur (2) van Gemert
HMiG Vragenvuur (3) Duker
HMiG Vragenvuur (4) Rispens
HMiG Vragenvuur (5) Heijkoop
HMiG Vragenvuur (6) Došen

Wednesday, May 14, 2014

Nog wat schemata à la de Ruyter

Nu ik het toevallig toch over een schemaatje van Piet de Ruyter had, wil ik er hier nog maar twee, die ik ook van hem heb, aan toevoegen. Wanneer ik aldus de indruk zou wekken dat de goede man uitsluitend schema's kon waarderen of alleen daar enige betekenis aan toe kende, moet ik dat dan toch eerst weer even rechtzetten.
Voor zover ik mij herinnner was de Ruyter vooral doende om al vragend en onderzoekend bepaalde begrippen helder te krijgen, daarbij gebruikmakend van de zogeheten ´conceptuele analyse´ uit de analytische filosofie en dan met name uit de ´gewone taal filosofie`. Een ander aspect waar hij de nadruk op legde was dat de theorie toch vooral verbinding met de praktijk moest hebbben en houden en dienstbaar aan de praktijk zou moeten zijn. Een visie en een benadering die hij met Ben Spiecker en anderen deelde. Hij deed zijn verhaal altijd met passie en enthousiasme.

Dan ´without further ado´, uit oude college-aantekeningen, nog twee schemaatjes (die overigens meer van tabellen weghebben) van de Ruijter waarvan ik maar weer veronderstel dat de goede verstaander weinig extra tekst behoeft.
Daaronder nogmaals het schema van het mensbeeld à la de Ruijter maar nu dan in z'n oorspronkelijke vorm een zonder dat rare poppetje dat ik er zelf zomaar bij had bedacht.
College notities Piet de Ruijter Zie maar of deze schema's je iets zeggen en mogelijk wat belletjes doen rinkelen in de grijze massa of als geheugensteuntjes dienst zouden kunnen doen. Speciale pedagogiek >> meer schema's à la de Ruyter >> << vorige | volgende >>

Tuesday, May 6, 2014

Mensbeeld à la de Ruyter (8)

In een eerder blogje aangaande onze mens- en wereldbeelden stipte ik al eens aan dat het descriptieve of beschrijvende karakter en het normatieve of voorschrijvende karakter van dergelijke beelden of voorstellingen nogal eens onontwarbaar door elkaar plegen of schijnen te lopen.
En wanneer je zoiets eenmaal geconstateerd en doorzien hebt, kom je natuurlijk ook geen mensbeelden meer tegen die daar, als ze er al niet bol van staan dan toch niet op z’n minst een aardige tik van meegekregen hebben.
Alhoewel … in de 80-tiger jaren liep ik eens een aantal colleges bij Piet de Ruyter, destijds hoogleraar speciale pedagogiek aan de VU en kreeg van hem een mensbeeld voorgeschoteld dat me weliswaar zeker als descriptief en bijzonder illustratief voorkwam maar waar ik met de beste wil toch niet iets bijzonder normatiefs in kon ontwaren.
VUlogo De Ruyter schetste de mens, middels een paar pijltjes als een waarderend en betekenend wezen ten opzichte van de gegeven en door hemzelf opgeroepen werkelijkheid.
Dat pijltje vanuit de wereld naar de mens of persoon reikt dan van de zintuigelijke ervaring tot en met de betekenisverlenende reacties daarop en het omgekeerde pijltje vanuit de mens naar de wereld omvat zowel de betekenisverlenende duiding van die werkelijkheid alsook het menselijk handelen in de wereld dat die werkelijkheid mede (om)vormt.
De mens zou dit proces van betekenen en waarderen niet alleen in relatie tot de hem omringende werkelijkheid hebben maar het nog eens verdubbelen door het ook toe te passen op zich zelf. Daarmee wordt het zelfbewustzijn weergegeven in dit ietwat schematische mensbeeld.

De Ruyter wist aan de hand van dit schema ook bijzonder helder te illustreren waar of waarop diverse therapieën werkzaam zouden zijn zoals de gedragstherapie of zoals bijvoorbeeld RE(B)T die primair een storende en verwarrende dominantie van het waarderen over het betekenen veronderstelt en die onbalans wil ombuigen terwijl Gestalttherapie daarentegen eerder juist een pathologische of verstikkende onbalans veronderstelt door een dominantie van het betekenen over het waarderen.

Voor de goede verstaander en zonder daar verder in beschrijvende of voorschrijvende zin nog woorden aan vuil te maken, een uit mijn geheugen hopelijk correct opgetekende uitvoering van het naar mijn smaak zeer heldere schemaatje van De Ruyter: Mensbeeld de Ruyter_1_edited

Speciale pedagogiek >>
meer schema's à la de Ruyter >>

<< vorige | volgende >>

Tuesday, April 29, 2014

Oorsprong van stress gevonden?

In de Volkskrant van vandaag lees ik op de wetenschapspagina de volgende kop:
Muis heeft voorkeur voor vrouwelijke onderzoeker
Vroeger gold toch de gemeenplaats dat vrouwen en met name dienstmeiden bang voor muizen zouden zijn en zodra ze er een zagen hun toevlucht, met de voetjes van de vloer, op bijvoorbeeld stoelen zouden zoeken. afraidofmice Hopelijk gaat dat niet op voor vrouwelijke wetenschappelijke onderzoekers want omgekeerd blijken nu muizen een dergelijke stress-reactie bij de confrontatie met mannen te vertonen. Het artikeltje begint als volgt:
Zet twee muizen in een kooi, laat de een door een man onderzoeken en de ander door een vrouw en de uitkomsten van het onderzoek zijn totaal verschillend. Proefdieren die in het laboratotium met een mannelijke onderzoeker te maken krijgen, raken zo gestresst dat zich in hun lichaam andere processen voordoen, dan wanneer zij een vrouwelijke wetenschapper aan hun kooi krijgen.
bangemuis
Het kan verkeren zullen we maar weer zeggen. Maar betekent dit dan ook dat we ten lange leste toch de ultieme oorsprong van angst en stress gevonden hebben?
Womenmiceandmurder