Showing posts with label qualia. Show all posts
Showing posts with label qualia. Show all posts

Monday, December 29, 2014

Over kleur (3) en kleur

Tja, soms denk ik dus als blogger: waar wil en zal ik het nu dan weer eens over gaan hebben op dit blog? En dan kan ik zomaar eens wat over kleur uitwijden.
Kleur laat zich op uiteenlopende wijzen omschrijven, duiden en benoemen. De meeste mensen zullen daar toch de bekende, gangbare en alledaagse kleurnamen voor gebruiken. Bepaalde wetenschappers en technici zullen zich hiertoe tot frequentiegetallen in het electromagnetisch spectrum moeten of willen wenden. De kunstschilder zal dan bijvoorbeeld beter met pigmentnummers als PV19 of PG7 etcera uit de voeten kunnen terwijl de fietsenmaker toch liever met z’n vertouwde RAL-kleurnummers werkt.
En zo bestaan er vele kleursystemen voor diverse doeleinden, industrieën, media en beroepsgroepen en zijn er qua denominatie legio mogelijkheden.
Over de relatie tussen kleur en taal valt uiteraard heel wat meer te zeggen dan ik ooit in een blogje zou kunnen doen. Benikinbeeld Over kleur zouden we desgewenst dus heel wat boekjes open kunnen doen. Er staat ons althans een ruime bibliotheek aan boeken over het onderwerp ter beschikking. Zo zou ik het, om voor de hand liggende redenen, eens over de Kruithof curve kunnen gaan hebben; maar daar moest ik me maar niet aan wagen want dat gaat me toch echt iets boven de pet. Nu heb ik toevallig zelf ook nog wel een paar boekjes met als onderwerp en thema Kleur in de kast staan. Die ga ik nu niet allemaal openslaan maar uit een bepaald boek getiteld 'Kleur' wil ik toch wel even iets essentieels uit het Woord vooraf citeren:
Kleur is zo verweven met ons dagelijks leven dat het velen nauwelijks meer opvalt. Pas wanneer men zich bewust in het fenomeen kleur verdiept, realiseert men zich hoe wij voortdurend de invloed van kleuren ondergaan, enerzijds door de ons omringende natuur, en anderzijds door wat de mens daar zelf aan toevoegt in zijn technische en culturele uitingen.
en iets verder vervolgt het met:
De tijd heeft inmiddels geleerd, met het opkomen en vergaan van talloze theorieën, dat beide aspecten, het fysische en het psychologische, elkaar aanvullen in de beschrijving van het verschijnsel kleur.
En zo is dat! Telkens wanneer we het in één bepaalde richting zoeken of één bepaald aspect onder de loep nemen lijken we iets essentiëels te missen.
Neem het onderhavige fenomeen dat we kleuren zien. De eigenschappen van een voorwerp en de lichtgolven die de informatie daarover bevatten zijn niet voldoende om ons kleur te laten zien. Daar is ook het menselijk oog voor nodig; met die staafjes en die kegeltjes die die lichtsignalen dusdanig kunnen verwerken dat op dat ons brein ons die qualiatieve gewaarwording doet ondergaan die het zien van kleur toch is.
Die twee onderscheiden tastbare of althans beschrijfbare en meetbare elementen kunnen niet zonder elkaar en volstaan elk op zich blijkbaar niet om vat te krijgen op de ervaring van kleurzien. kleurigmozaïek Dat kleurzien is ogenschijnlijk dus een niet zo eenvoudig in woorden of in getallen te vangen proces op het snijvlak van die twee welomschreven kanten van het fysische proces. Daarbij is het een doodsimpel en moeiteloos proces in onze ervaring en doen of ervaren we het zo’n beetje de hele dag door zonder er een tel over na te hoeven denken. Wanneer we er wel iets dieper over nadenken stuiten we toch telkens weer op die qualia en de subjectieve ervaring.
Die complexe rijkdom van onze subjectieve ervaring en de qualia is overigens niet uniek voor onze visuele gewaarwording; win daarover bijvoorbeeld maar eens wat 'klinkende raad’ in bij Bella Barthust.

frequentie spectrum Met een dergelijk palet aan kleurduidingen en zo’n waaier aan kleursystemen zou je je bijna gaan afvragen of we het nu over kleur hebben of over kleur of over kleur.
Voor de kunstenaar die z’n kleuren moet mengen zal het vaak wel duidelijk zijn welke kleur ie zoekt. En op die manier, al schilderend, heb ik me ook wel praktisch beziggehouden met kleurmengen.
Een bepaald boekje van Michael Wilcox over dit onderwerp draagt de ietwat uitdagende en pakkende titel: ‘Blue and Yellow Don’t Make Green’ of ‘Blauw met geel is geen groen’, om aan te geven dat er vele kleuren ‘groen’ zijn in vele varianten en kwaliteiten van helder tot gedempt, van warm tot koud, van dekkend tot transparant etcetera en dat geldt uiteraard evenzeer voor de andere kleuren. kleurigevogel Een van de eerste dingen die opvallen wanneer je je in het kleurmengen verdiept is dat men vaak over twee tegengestelde mengsystemen pleegt te reppen. Te weten het additieve en subtractieve systeem. Tel maar op, trek maar af en ga maar na. kleurigestoelen

Het additief kleursysteem werkt met de kleuren van het licht en staat ook wel bekend als het RGB-kleursysteem. Er moeten diverse kleuren licht aan elkaar toegevoegd worden om tot wit licht te komen. De primaire kleuren zijn hier Rood, Groen en Blauw.
RGBMengschema
Het subtractief kleursysteem werkt met pigmentkleurenen staat ook wel bekend als het CMYK-kleursysteem. Hier zouden de diverse kleuren juist geëlimineerd moeten worden om tot wit te komen, maar in de praktijk is wit natuurlijk het startpunt van waaruit door specifieke toevoegingen kleur ontstaat. De primaire kleuren zijn hier Cyaan, Magenta en Yellow.
SubtractiveColorMixing
Het is, wat mij betreft, een bijzonder frappant en aardig gegeven dat deze twee systemen en elkaars tegendeel of spiegelbeeld zijn en elkaar tegelijkertijd nodighebben en aanvullen. En wel in de zin dat de primaire kleuren van het ene systeem toevallig ook de complementaire en/of secundaire kleuren van het andere systeem vormen en vice versa. kleurencirkels
Tja, zoiets vind ik toch altijd dermate verwonderlijk dat ik er voorlopig maar weer even stil van ben.
Rest me nog om, voor wie daar belangstelling voor heeft, nog even met een link te verwijzen naar de, volgens mij, beste en meest informatieve website over KLEUR en me af te vragen of mijn hele riedel nu vooral over kleur ging of eerder over raak- en snijvlakken en wederzijdse verhoudingen en interacties tussen een en ander.
Of ging het nu toch vooral over de essentie of over de schil? kleurigbollenveld

Nog een kleurrijke jaarwisseling maar doe voorzichtig met de vingers en de ogen.

<< vorige

Saturday, November 29, 2014

Over kleur (2) en zien

Zonder licht geen kleur; zoveel lijkt me wel helder.
Maar kleur is toch niet exclusief een eigenschap van de dingen die wij als kleurig waarnemen? Kleur wordt lijkt me pas kleur te worden wanneer het in een bewustzijn als zodanig opgevat wordt en betekenis krijgt. Maar voor een dergelijke waarneming zal het toch eerst langs zintuigelijke weg doorgegeven en verwerkt moeten worden. Kielkleurkijken Je zou kleur als een te ervaren kwaliteit van zekere aard kunnen omschrijven en het aldus onder de zogeheten 'qualia' scharen.
Daarin ligt overigens vervat dat ik een wel vaker gehoorde suggestie dat we met een trillingsgetal van lichtgolven (hoe mooi exact dan ook) de essentie of het belangrijkste aspect van kleur zouden kunnen vangen een nogal onvolledig en halfbakken verhaal vind. Kielkleurbanen Maar even terug naar onze directe ervaring. Wij mensen zijn doorgaans vrij visueel ingesteld. Door onze ogen en onze biologische opmaak kunnen wij een flink aantal kleuren onderscheiden. Zo’n miljoen ongeveer beweren de geleerden. Dat is heel wat meer dan waar ik me zo even een voorstelling van zou kunnen maken.
Bijzonder toch dat zo’n oog als dat van ons, met al die staafjes en die kegeltjes, samen met onze hersenen dat licht dat op ons netvlies valt als een soort gecombineerde RGB bewerkende decoder en encoder kleuren in ons bewustzijn of gewaarzijn tevoorschijn weten te toveren. Dat dan onder heel diverse lichtomstandigheden, waarbij we ook nog even en passant en in een oogwenk voor de perspectivische vertekening in ons brein corrigeren en gewoonlijk vrij goed diepte of afstand kunnen inschatten. Kielkleurbeweging Als je je wilt verwonderen over de wonderen der natuur mag zo’n op het oog eenvoudig iets als ‘zien’ en ‘kleurenzien’ toch zeker wel een wondertje heten.
Kielcolourmotion Die indrukwekkende trillingsgetallen van dat o zo snelle en raadselachtige (golf of deeltje?) licht zegt dus ook niet alles. Met die objectieve of wetenschappelijk meetbare eenheden in Hertz of nanometers kunnen we dus hooguit maar een deelaspect van het fenomeen kleur beschrijven en verhelderen. Er moet dus ook nog een soort ontvangstapparaat zijn (zoals bijvoorbeeld het biologische gegeven van onze ogen en ons zenuwgestel) om die lichtsignalen van zoveel Hz of nm te verwerken en er iets van te brouwen dat tot ons subjectieve bewustijn door kan dringen en dat wij dan als kleur plegen te ervaren. doorsnedeoog

In het boekje ‘Laat je niets wijsmaken’, Over de macht van experts en de kracht van gezond verstand geeft Jan Bransen een vrij heldere filosofische uiteenzetting over deze materie van wat, als mens, te denken en wat dan te maken van onze ervaring.
Met welke ervaring je ook begint, steeds is het zo dat een bepaalde inhoud of kwaliteit zich aan jou opdringt. De inhoud gaat vergezeld van enerzijds het besef dat zich ‘daar buiten’ iets bevindt en anderzijds het besef dat jij degene bent die dit nu ervaart. Van oudsher gebruiken filosofen de begrippen OBJECT en SUBJECT om die twee kanten van de ervaring te typeren. In de ervaring ontmoeten subject en object elkaar, en brengt onvermijdelijk de vraag mee hoeveel in de ervaring meegebracht wordt door het object en hoeveel door het subject. Als het immers een ontmoeting is, moet er toch iets bijeengebracht worden.
en iets verder:
Filosofen spreken tegenwoordig graag over ‘respons-afhankelijke eigenschappen’ om iets meer grip te krijgen op wat er gaande is als wij in onze ervaring de werkelijkheid ontmoeten. Sommige eigenschappen, zo zeggen zij dan, zijn alleen maar eigenschappen van de dingen in de wereld door de manier waarop wij reageren als we door die dingen geraakt worden. Het bekendste voorbeeld in de geschiedenis van de filosofie is ongetwijfeld de rode kleur van een rijpe tomaat. De wetenschap heeft ons inmiddels duidelik gemaakt dat de tomaat niet echt rood is, althans niet alleen op zichzelf. Als je een tomaat volledig in quarantaine zou plaatsen, ergens in een geïsoleerde uithoek van het universum, en je zou er geen licht bij laten en ook geen wezens als wij die ogen hebben die gevoelig zijn voor licht met een golflengte van 690 nanometer, dan zou die tomaat helemaal niet rood zijn. Zijn rode kleur krijgt de tomaat doordat het licht en de kegeltjes op ons oog meewerken. Dat prachtige rood is als het ware een cadeautje dat onze ogen aan een heerlijke, rijpe tomaat geven. Als wij niet mee doen, dan is die tomaat helemaal niet rood. Dan weerkaatst hij alleen licht met een golflengte van 690 nanometer. Dit idee is inmiddels gemeengoed, denk ik, en het zal ook wel overeind blijven. Het is een solide resultaat van een indrukwekkende empirische traditie die voortbouwt op het onderscheid dat Locke maakte tussen primaire en secundaire kwaliteiten.
Dit gaat dus over wat hier dan ‘respons-afhankelijke eigenschappen’ genoemd wordt. En kleur wordt hier ter illustratie en als een proto-typisch voorbeeld opgevoerd maar de reikwijdte ervan strekt aanzienlijk verder.
De klasse van wat filosofen respons-afhankelijke begrippen noemen, is overigens veel groter dan alleen de verzameling begrippen die rechtstreeks met onze vijf zintuigen te maken hebben. Dat maakt de kwestie zo interessant en zo belangrijk. Denk eerst maar eens aan esthetische eigenschappen, zoals mooi, lelijk, levendig, spannend, intens, harmonisch, of walgelijk. Denk vervolgens aan ethische eigenschappen: goed, oneerlijk, rechtvaardig, verderfelijk, of kwaadaardig. het zijn allemaal eigenschappen die verbonden zijn met respons-afhankelijke begrippen.
Om eens een orakel en (voetbal)filosoof van een geheel ander kaliber aan te halen:
Je gaat het pas zien als je het doorhebt
zei ene Johan Cruijff ooit Dus ook dat zien van ons heeft zo ogenschijnlijk wel iets meer om het lijf dan je op het eerste gezicht zou denken. Je zou haast met Cornelis Vreeswijk zeggen:
Het is maar precies hoe of je het ziet We komen d'r wel, maar we zijn er niet Kameraden!
En dan blijft ook nog altijd de vraag of je het überhaupt wel ziet, want over het verschijnsel kleurenblindheid, overigens vooral een mannenkwaal, hebben we het dan nog niet gehad. Maar daarover kun je hier het een en ander vinden. voorkomenvolledigekleurenblindheidmv Het soort filosofische of contemplatieve overwegingen zoals van Bransen, Cruijff en Vreeswijk hierboven tillen het fenomeen en concept 'zien' uiteraard wel een stukje boven het strikt fysiologische proces uit. Maar is het nu niet juist het kenmerk van het menselijk leven en bewustzijn dat verschillende niveau’s en processen elkaar raken en beïnvloeden en in de directe ervaring kunnen versmelten en vervloeien? Moticolourmotion We zien het toch overal om ons heen. Neem nou eens iemand die ernstig ‘depri’ is; je kunt diens omgeving nog zo opfleuren maar toch lijken de mooie en heldere kleuren maar niet gezien te worden. Het is alsof de dip of de depressie de brillenglazen ernstig hebben doen beslaan en alsof de betreffende zwart-kijker alleen nog maar zwart-wit en dan vooral het zwart wil of kan zien. Kieldoekmonochroom Zo zie je maar dat je om kleur te zien meer dan alleen je ogen nodig hebt en het licht blijkbaar niet altijd of alleen maar van buiten komt zoals bij een camera. Een vonkje en enige (zelf?)werkzaamheid van binnenuit lijken toch ook onontbeerlijk om een beetje chocola van onze min of meer fleurige werkelijkheid te kunnen maken.



Maar kijk nu dan toch, wat zie ik daar in de verte dan voor kleurige figuren; zouden dat die polder-Pieten zijn?

Tuesday, October 21, 2014

Over kleur (1) en taal

Over kleur
Zo luidt ook de Nederlandse titel van de gebundelde opmerkingen over kleur door ene Wittgenstein.
In een recensie in de Volkskrant van 8 augustus over de pigmentententoonstelling ‘Making Colour’ wordt Wittgenstein naast Goethe, Aristoteles, Kandinsky, Vasari en Cennini genoemd als iemand die iets over kleur te melden had. Uiteraard hebben veel meer lieden wel opmerkelijke en blijvend interessante ideeën over kleur te berde gebracht.
De kritische conclusie van de recensie door Wieteke van Zeil was dat in genoemde expositie het effect van kleuren op de menselijke perceptie, de kleurenpsychologie en symboliek nauwelijks of niet aan bod komen. Kortom dat dit derde element van kleur, naast de natuurwetenschappelijke en de kunsthistorische kant, er als een stiefkindje van af komt.
Ik heb die pigmentententoonstelling (lang woord, hè; leuk scrabblewoord maar je hebt heus nog langere) niet bezocht en heb daar ook geen uitgesproken mening over. Kielpigmentpotjes Niet alleen in de kunst wordt kleur nogal eens aangewend om een bepaald punt te illustreren. Dat gebeurt her en der en telkenmale weer. Zo ook in dit vragen(v)uurtje waar emeritus hoogleraar Jan Rispens kleur als voorbeeld (hier tussen 11 en 13 min.) neemt om aan te tonen hoe hopeloos ambigu onze alledaagse taal toch is ten opzichte van de wetenschappelijke taal van meetbare en kwantificeerbare grootheden.
frequentie spectrum
Al dat vage gepraat over, neem nou, bijvoorbeeld citroengeel of licht geelgroen; wat kun je daar als, op wetenschappenlijke exactheid en precisie gestelde geest of, onderzoeker nu mee? Nee dan kun je toch veel beter uit de voeten met iets als pakweg een frequentie van 510 tetrahertz, een golflengte van pak em beet 572 nanometer en nog wat parameters in de trant van lichtintensiteit, verzadiging en dergelijke! Of niet dan? Spectrumfreq
Mocht de toon hierboven doen vermoeden dat ik me maar ten dele in deze argumentie van Rispens kan vinden en zijn verder bijzonder gloedvolle betoog in dit geval toch even wat kleurlozer vind, dan wil ik dat wel beamen.
Nu haast Rispens zich ook al om er zelf op te wijzen dat die wetenschappelijke grootheden toch beslist ook wel weer in onze alledaagse taal terug vertaald moet kunnen worden.
Maar, zul je denken, nu gaat het inmiddels toch niet meer over kleur maar over … taal en wetenschap (hier de orthopedagogiek). Ja, da's waar denk ik dan … alhoewel dan moet ik toch ook even denken aan iets dat Jacques Heijkoop in een eerdere HMiG aflevering (hier tussen 15 en 17 min.) opmerkte:
Diagnostiek is natuurlijk ook belangrijk, want als iemand slechtziend is, moet hij een bril krijgen. Maar daarna houdt het op, want dan heb je een persoon – met al zijn beperkingen – die bepaalde dingen in de krant leuk vindt. En dáár ligt je aansluiting bij de persoon.
Dat belicht toch maar eens temeer dat het juist onze alledaagse taal en de gewone dagelijkse omgang en communicatie zijn die het leven zijn ware glans en kleur moeten geven. Inverted_qualia_of_colour_strawberry Ervaring, taal en beleving. Probeer die maar eens uit elkaar te halen en te houden; dat zal je vast niet altijd lukken en/of even gemakkelijk afgaan. Zeker niet als het kleur of andere qualia en onze, al dan niet kleurrijke taal betreft.
De wereld om ons heen kleuren doen we blijkbaar niet uitsluitend met de verfkwast maar ook met de taal!.
.
Wie denkt dat kleur en taal niet veel met elkaar van doen hebben zou eens moeten kijken hoeveel tongen de zogeheten pietendiscussie los weet te maken en hoeveel woorden en vergelijkingen er daarbij over en weer gaan en dat 'all because the color of his skin' om maar weer eens een paar woorden van Dylan aan (en mogelijk ietwat uit z'n verband) te halen.
What do you think about that, my friend?

Tuesday, October 7, 2014

Making Colour

Soms denk ik als blogger: waar wil en zal ik het nu dan eens over gaan hebben?
Niet zelden p(l)opt het woord en het onderwerp ‘kleur’ dan weer ergens in mijn grijze massa naar de oppervlakte. Niet zo’n gek onderwerp toch, want zeg nu zelf: wat zou onze wereld zijn zonder kleur? Een grijze en kleurloze bedoening toch zeker.
Nu sluipen zowel het woord als het thema ‘kleur’ regelmatig via allerlei zijpaden onze alledaagse conversatie binnen en zoiets zal ook op dit blog wel het geval zijn. Soms komt het toch ook iets explicieter aan bod zoals in het geval van de qualia.
Het fenomeen kleur heeft wel eens vaker mijn belangstelling en de directe aanleiding voor dit stukje was de (inmiddels voorbije) expositie ‘Making Colour’ in de National Gallery in Londen.

Die expositie ging dan met name over de stof, het materiaal waarmee schilders kleur maken: pigmenten. In een recensie die ik over deze expositie las figureren het bekende verhaal van de ‘cochenille’ en dat van de ‘lapis lazuli’ nogal prominent. Maar ook over goud, geel en groen
wordt iets gezegd, alsook over paars ofwel the colour purple. Van een conversatie tussen curatoren van de National Gallery zal de geïnteresseerde lezer/luisteraar waarschijnlijk heel wat wijzer worden dan van welke recensie dan ook.

Thursday, April 3, 2014

Qualia, vleermuizen en kleur

Wat het verband tussen die zogeheten ‘qualia’ en kleur is zal de meeste onder ons, neem ik aan, wel duidelijk zijn.

Maar hoe zit het dan met het verband tussen de qualia en vleermuizen? Daarvoor moesten we eerst maar even bij Thomas Nagel te rade gaan. Nagel publiceerde in 1974 een fameus artikel onder de titel ‘What is it like to be a bat?’
Daarin stelt Nagel dat wij ons bij ontstentenis van het unieke perspectief en de ervaring (the point of view) van de vleermuis ons niet echt kunnen verplaatsen in de beleving van een vleermuis. Zo worden vleermuizen de wereld bijvoorbeeld in belangrijke mate gewaar door echolocatie, een zintuigelijke ervaring die ons vreemd is. vleermuis De technische aspecten van echolocatie kunnen wij wellicht verstandelijk of wetenschappelijk doorgronden en we kunnen op grond daarvan zelfs complexe technologieën ontwikkelen aldus ook gebruik maken van echolocatie.
Maar daarmee kunnen we in de verste verte nog niet bevroeden hoe het voor de vleermuis is en voelt om zo’n organisch gegeven proces als vitaal onderdeel van je mentale constitutie en make-up te hebben. Een, zoals gezegd, organische gegevenheid die je enerzijds ondergaat en waar je anderzijds gebruik van maakt om je weg in het leven te vinden en het eigen leven vorm te geven.

Het of een leven zonder zo’n zintuigelijke basis is niet goed voorstelbaar. En daarmee zitten we dan midden in het vraagstuk van de qualia en hun constitutieve rol in ons bewustzijn.

Zo’n verhaaltje als dat van Thomas Nagel om je eens voor te stellen of in te denken hoe het is om ... of als …, wordt ook wel een gedachte-experiment genoemd en geldt zo’n beetje als een van de belangrijkste stukken werktuig in de ogenschijnlijk verder niet zo rijk gevulde gereedschapskist van de wijsgeer of de filosoof.

Nog zo’n bekend gedachte-experiment inzake de qualia is ‘What Mary didn’t know’ van Frank Jackson.
Jackson vraagt om ons eens voor te stellen dat Mary opgroeit, leeft en haar scholing ontvangt in een volledig achromatische wereld, waar alles uitsluitend in zwart-wit en alle grijstinten wordt waargenomen.
Zo leert ze alles wat er te weten valt over de fysische, chemische en neurofysiologische aspecten van de wereld, de mens en het samenspel tussen beiden. Ze weet ook alles over kleur, dat wil zeggen, ze heeft uitgebreide kennis het elektromagnetisch spectrum, van de geleiding, breking en reflectie van het licht, van onze fysiologie van het kleuren-zien middels de staafjes en de kegeltjes in het oog en de verdere verwerking daarvan in de hersenen. Kortom, je zou haar een wandelende encyclopedie kunnen noemen en ze weet er in ieder geval meer van dan jij en ik en nog wat lieden bij elkaar.
Ze kent natuurlijk ook de diverse namen van alle kleuren, weet binnen welke golflengtes en trillingswaarden ze vallen en weet ook dat kleurziende mensen de lucht en de zee doorgaans als blauw benoemen, de meeste bladeren als groen en bloed als rood.
frequentie spectrum De vraag is dan: weet Mary nu echt alles - of zoveel er menselijkerwijs gesproken te weten valt - over kleur of ontbreekt er nog een belangrijk en mogelijk essentieel onderdeel aan haar kennis?
Wanneer Mary bijvoorbeeld na enkele tientallen jaren intensieve studie in de materie van de menselijke zintuigelijke waarneming, waaronder het kleurenzien, opeens zelf voor het eerst kleur zou kunnen zien, zou ze dan reageren met: ja natuurlijk, dat begreep of vermoedde ik wel dat het er zo uit zou zien of zou ze toch versteld staan van wat die authentieke ervaring haar zou doen en nog voor nieuws zou leren?
Dat is namelijk de vraag die Jackson ons stelt: leert Mary hier toch nog iets nieuws? Zo, ja dan wist ze blijkbaar toch nog niet alles met al haar uitgebreide (en objectieve?) kennis over de fysieke aspecten van onze wereld. (The Knowledge Argument)
Ik zou toch denken dat Mary de gewaarwording zou hebben dat op het moment van de daadwerkelijke ervaring - om een bijbelse uitdrukking te bezigen - ‘haar, als het ware, de schellen van de ogen vielen’.

Het is me toch wat met die kwestie van de qualia.
Filosofen en wetenschappers breken er het hoofd over, schrijven er talloze artikelen over en voeren verwoede discussies over het belang en de status van die qualia.
Het gaat dan ook over ons menselijk bewustzijn, over de reikwijdte van de wetenschap, over reductionisme en de verhouding tussen geesteswetenschappen en natuurwetenschappen, over de status van wat wel 'spiritualiteit' genoemd wordt en zomeer en daarmee, zou ik zo denken, toch vooral ook over ons mens- en wereldbeeld.

Sunday, March 2, 2014

Qualycke Queeste?

Nee, het is niet dat ik plots ten prooi ben gevallen aan de Q-koorts en ik ga ook niet voortaan dit blog in het Oudnederlands schrijven. Ik wou (of is die verbuiging inmiddels al wel Oudnederlands) het gewoon eens over de qualia hebben.

Inside the brain:
Die qualia hebben overigens niet zozeer betrekking op kwalijke kwesties of verschijnselen alswel op de kwalitatieve aspecten en vooral op de kleurrijkere kanten van ons bestaan.
De term qualia verwijst namelijk naar de kwalitatieve aspecten van onze waarneming ofwel naar het fenomeen dat onze geest of ons bewustzijn onze waarnemingen omtovert in en gewaar wordt als een waaier of een mozaïek van kleur, geur, smaak, klank en degelijke.

Inside the mind:

Nu hou ik wel van een beetje kleur, kan ik bij tijd en wijle wel van lekker eten en een drankje genieten, met een geurige espresso met pure chocola toe en zal ik niet zo gauw bezwaar maken tegen een passend muziekje daarbij. Dus kan ik doorgaans het wel vinden met die qualia en meen ik dat ze aan mij meestentijds wel besteed zijn. Ik zou althans niet weten wat ik zonder moest beginnen. Inverted_qualia_of_colour_strawberry Volgens Daniel Dennet zijn die qualia echter nogal illusoir van aard. Hersenschimmen waar ik dan wel gewicht aan toe kan willen kennen en mezelf blij mee kan maken maar dan maak ik mezelf toch eigenlijk maar blij met een dooie mus. Want die qualia berusten op in (de wetenschappelijke) werkelijkheid toch een cognitieve vergissing of ‘truc’ van onze hersenen, Aldus Dennet.
Dennetcomic
Die qualia kleuren niet alleen op elk moment al onze menselijke waarneming en ervaring op een hoogstpersoonlijke, en voor de wetenschap niet of nauwelijks te vatten, wijze; die zogeheten qualia zijn ook regelmatig onderdeel of inzet van filosofische discussies over bijvoorbeeld de aard van het menselijk bewustzijn en of dat bewustzijn zich vanuit een materialistisch, een idealistisch of een dualistisch mens- en wereldbeeld laat verklaren of begrijpen en spelen daar een cruciale rol in.

Zoals gezegd ben ik maar wat blij dat we in het echte leven van alledag met enige regelmaat last hebben van die dingen die het leven geur en kleur en zo meer verlenen.