Showing posts with label nature-nurture. Show all posts
Showing posts with label nature-nurture. Show all posts

Tuesday, February 11, 2014

Mensbeelden à la carte? (7)

Ik ben opgegroeid in de zogeheten calvinistische zuil en zo werd mij als kind al diets gemaakt dat de mens geneigd is tot alle kwaad.
Zie ook dat bekende catechismusboekje uit Heidelberg:
zijn wij alzo verdorven, dat wij ganselijk onbekwaam zijn tot enig goed en geneigd tot alle kwaad?

En zie daar de kern van het calvinistisch mensbeeld of wat men daar meestal voor door laat gaan.
Nu denk ik dat de mens inderdaad tot nogal wat kwaad geneigd is maar dat je er dan volledigheidshalve ook bij moet vertellen dat de mens toch ook nogal eens van goede wil is en het goede, voor zichzelf maar ook voor zijn naaste, nastreeft. Dat laatste lieten ze in genoemde zuil niet zelden na, want dat was niet de boodschap van belang.
Opmaak 1 Dat horen en zien we dus wel vaker, mensbeelden die klinken als one-liners en één bepaald aspect van het mens-zijn benadrukken als wenselijke norm en ander aspecten volledig veronachtzamen of als des duivels afschilderen.
En zonder er al te veel woorden aan vuil te maken plegen we zo’n mensbeeld doorgaans onder slechts één noemer te vatten; zo zijn we inmiddels bekend met bijvoorbeeld de homo faber, de homo sapiens, de homo ludens en sinds enkele decennia steeds dominanter ook de homo economicus.
Binnen dergelijke noemers kan het het mensbeeld echter ook weer divers en contasterend in gekleurd worden. Selfie Neem nou eens die recente homo economicus waar tegenwoordig zoveel over te doen is dat zelfs ons kabinet het inmiddels tot haar belangrijkste taak lijkt te rekenen om iedereen te bekeren en op te voeden tot rechtgeaarde homo economicus. Economen en andere betweters houden ons al enkele decennia voor dat die homo economicus (lees: de mens) eerstens en voor alles hebzuchtig en egoïstisch is. En anders dienen we dat voor ons eigen bestwil en een gezonde economie alsnog heel rap te worden. Vanuit dat grondmotief zou de homo economicus (wij nagenoeg allemaal dus) rationeel en berekend handelen om het welbegrepen eigenbelang te dienen en veilig te stellen.
Politici, beleidsmakers, bankiers en zo meer baseren al jaren in toenemende mate het grote beleid op dat mens- en wereldbeeld; en zie het resultaat!
Inmiddels beginnen toch ook steeds meer economen tot het voortschrijdend inzicht te komen dat de drijfveren van de mens nogal eens gevoelsmatig of zelfs irrationeel van aard blijken te zijn. Hé. klinkt dat niet eerder wat freudiaans en in regelrechte tegenspraak met wat die economen en beleidsmakers ons de afgelopen decennia op de mouw probeerden te spelden? Zou het adagium van onze vriend Brederoo ten lange leste ook tot het economenvolk gaan doordringen? Je zou het haast denken en dan blijken we toch eerder een homo psychologicus te zijn dan een homo economicus; zelfs door de bril van de econoom gezien, al zullen vast niet alle economen dat willen onderschrijven. geld Dergelijke ééndimensionale mensbeelden van het type wel-heel-kort-door-de-bocht blijken meer dan eens onenigheid en narigheid te voorspellen. Zeker wanneer ze de functie van geheugensteuntje gaan overschrijden en er nogal rechtlijnig verregaande conclusies uit worden getrokken. Voorzichtigheid en enige wijsheid lijkt geboden bij de beeldvorming rond dit soort mensbeelden à la carte. DerHeidelbergerKatechismus In de pedagogiek kennen we het (mens)beeld van de tabula rasa; het mensenkind dat zich door de opvoeders laat vormen analoog aan hoe een beeldhouwer beelden boetseert. Het mensbeeld van de recht-geaarde behavioristen.
Daar tegenover staat dan het bekende beeld in de geest van Rousseau en Saltzmann van datzelfde mensenkind als een zaadje of ontluikend plantje dat alle potentiële kenmerken en mogelijkheden al in zich draagt en vooral gekoesterd en goed verzorgd dient te worden om tot ontplooing en volle bloei te komen. Ziedaar het aloude en bekende nature-nurture debat in mensbeelden à la carte gevat. quote-the-man-of-science-like-the-man-of-letters-is-too-apt-to-view-mankind-only-in-the-abstract-james-frazer-65658 Simpele zwart-wit (mens)beelden van deze en vergelijkbare aard die pretenderen de essentie van het menszijn te vatten willen nogal aanleiding geven tot welles-nietes deuntjes en wedstrijdjes touwtrekken.
De mensbeelden zoals we die op de meeste menukaarten aangeprezen zien lijken toch niet zelden op kant-en-klare, voorgekookte, hapklare brokken met een uiterst minimum aan basisingrediënten.
In de keuken van het echte leven lijkt er doorgaans toch heel wat kwistiger met ingrediënten gestrooid en allerlei combinaties gebrouwen te worden.
Het blijft, wat mij betreft, hoe dan ook een zelden te vermijden, interessante en informatieve vraag hoe je mensbeeld er uit ziet.

<< vorige | volgende >>

Tuesday, September 18, 2012

De morele imbeciel? (3)

Labyrinth behandelde het onderwerp van de geslaagde morele imbeciel in de aflevering: Zonder geweten en BBC Horizon maakte een documentaire over dit onderwerp onder de titel: What makes us good or evil met daarin het intrigerende verhaal van Jim of James Fallon.
Fallon kwam nietsvermoedend als neurowetenschapper in aanraking met de hersenscans van geweldadige psychopaten die hij als een onderscheiden groep wist te duiden. Om later tot de ontstellende ontdekking te komen dat zijn eigen hersenen een zelfde beeld lieten zien.
Hier een deel uit die laatste documentaire waarin Fallon zijn verhaal doet:



En zijn TEDtalk hierover:
met desgewenst een Nederlandse transcriptie. Zoiets vind ik toch wel bijzonder, Jim Fallon blijkt iemand met het brein en het genenpakket van een psychopaat te zijn maar niet met het ontspoorde en ontregelende gedrag waar we deze lieden doorgaans aan zouden kunnen herkennen. Zowel hijzelf als zijn naasten herkennen toch wel allerlei kenmerken en trekjes die gewoonlijk aan psychopaten worden toegeschreven. Wat in zijn geval wellicht afwijkend is, maar dan toch niet alleen ten opzichte van de morele imbeciel, is dat hij vooralsnog goudeerlijk blijft. Zijn veklaring voor de ontwikkeling van destructief psychopaat gedrag is dat daar minstens drie ingrediënten voor nodig zijn. Te weten een bepaalde genetische opmaak, een zeker afwijkend beeld van de hersenen en het ondergaan van traumatiserende ervaringen als die van misbruik, mishandeling en geweldsdelicten: Ondanks of juist vanwege zijn credentials lijkt Fallon me toch een bij uitstek betrouwbare onderzoeker en wetenschapper waar het deze materie betreft! Bepaald geen imbeciel, moreel of anderzins! Maar wel iemand met een bijzondere identiteit die iets behartenswaardigs te melden heeft. < vorige | volgende >

Wednesday, September 5, 2012

Doe eens normaal (2) Genen

Het zogeheten nature-nurture debat is een discussie die altijd en overal weer op diverse niveau's de kop opsteekt en dat ongetwijfeld in verschillende gedaantes altijd zal blijven doen. In ondermeer de psychologie, de filosofie, mijn werk en het publieke en politieke debat, om maar eens een paar dwarsstraten te noemen.
Enkele decennia geleden leek de maakbare mens de onbetwiste winnaar te worden, terwijl we tegenwoordig graag zo veel mogelijk lijken toe te schrijven aan of menen af te kunnen doen als de genetische aanleg; als ware het een simpel spelletje van 'welles of nietes'.



Malou van Hintum wijdt het eerste hoofdstuk van haar boek Doe eens normaal aan deze doorlopende kwestie onder de titel Biologie of boze buitenwereld?
Hierin betoogt ze overtuigend en onderbouwd dat daar geen eenvoudig antwoord op bestaat en de zaak altijd weer wat ingewikkelder en verwevener blijkt te liggen dan we dachten of hoopten; iets dat wijze mensen natuurlijk al sinds mensenheugnis bevroedden.

Hier enkele citaten uit de paragraaf:
Genen belangrijk, maar niet beslissend


De meeste ziekten zijn multifactorieel, wat betekent dat een combinatie van vaak onbekende genvarianten samen met bepaalde omgevingsfactoren ervoor zorgen dat je een verhoogd risico loopt op een aandoening.

De euforie wa dan ook groot toen duizenden wetenschappers die sinds 1990 samenwerkten en het Human Genome Project er in 2000 in slaagden de volledige genetische code – alle 30.000 genen – van de mens te ontrafelen.

Het is nog maar een paar jaar geleden dat wetenschappers optimistisch waren over het vinden van de 'genetische sleutels' voor allerhande ziekten en aandoeningen. Ze veronderstelden dat voor elke eigenschap of stoornis maar een paar belangrijke genen verantoordelijk zijn. Maar hoe meer genetisch onderzoek wordt gedaan, des te duidelijker het wordt dat vrijwel alle eigenschappen en aandoeningen worden beïnvloed door een heel groot aantal genen.

Hoogleraar humane genetica Gert-Jan van Ommen (Universiteit Leiden) bevestigt dat het effect beperkt is van de risicogenen die inmiddels wel zijn gevonden: ieder afzonderlijk geven ze 1 of 2 procent risicoverhoging op een ziekte. 'Mensen in de wereld van het genoomonderzoek kunnen er niet omheen dat dit nu niet bepaald een fantastische score is, zegt hij. Risicogenen verklaren evenveel als of zelfs minder dan omgevingsfactoren als sociaaleconomische klasse of gezinsinvloeden. Dat bepaalde genvariaties vaker samen met een bepaalde aandoening voorkomen, wil bovendien niet zeggen dat ze die aandoening ook veroorzaken. Achter de meeste ziekten gaan tientallen genen of genvarianten schuil, en de manier waarop een gen zich 'gedraagt' kan ook het gevolg in plaats van de orzaak van een ziekte zijn.



In de volgende paragraaf over Epigenetica: de invloed van de omgeving
komen nog wat complicaties ter sprake die zich voordoen vanwege het feit dat een gen, mede onder invloed van omgevingsfactoren, 'aan' danwel 'uit' kunnen staan.



Dit verschijnsel dat genen onder invloed van omgevingsfactoren 'aan' en 'uit' kunnen staan, wordt veroorzaaakt door een biologisch proces waarbij de werking van het DNA verandert.

Naast de genetica is dus ook de epigenetica een factor om rekening mee te houden. En dat maakt het onderzoek er niet eenvoudiger op. Bedenk daarbij dat alle 30.000 genen afzonderlijk de mogelijkheid hebben om wel of niet tot 'expressie' te komen, om 'aan' of 'uit' te staan, en het is duidelijk dat dit een bijna onoverzienbare hoeveelheid variaties creëert.
En daarmee zijn we er nog niet. Want een gen kan niet alleen 'aan' of 'uit' staan, het kan afhankelijk van omgevingsfactoren ook een 'positief' of 'negatief' effect hebben. Anders gezegd: omgevingsfactoren beïnvloeden niet alleen of een gen 'aanstaat', maar ook hoe.

Een bepaalde aanlaeg heeft dus altijd specifieke omgevingsfactoren nodig om in de vorm van gedrag zichtbaar te worden.

Ons genenpakket zit dus bomvol mogelijkheden, zowel positieve als negatieve, en het hangt in belangrijke mate van onze omgeving af of en hoe die tot uiting komen.



Zoals we uit het genoom van die kromme gele nog niet kunnen lezen waarom ie krom is, zo heeft ook het in kaart brengen van het menselijk genoom ons vooralsnog maar bitter weinig nieuw inzicht gebracht in het hoe en waarom van psychische stoornissen.
En dan te bedenken dat wij als mensen niet eens het hoogste aantal genen tellen; die malle piepers bijvoorbeeld hebben er al meer.



< vorige | volgende >

Genen- en neuropraat >

Saturday, March 6, 2010

De maakbare mens (1)

Een kind is als een wit papier,
Dus let op dit onnoozel dier;
Want zoo daar iemand kwaad inprent,
Zoo is dat edel wit geschend.
Aldus rijmelde vadertje Cats enkele wijze en prudente strofen bijeen ter lering ende vermaak van de ganse natie.

De Engelse filosoof John Locke publiceerde in 1689 zijn belangrijkste werk: An Essay Concerning Human Understanding.
Hij werkte hier al sinds 1671 aan en schreef het leeuwendeel ervan in Nederlanden waar hij van 1683 tot 1688 domicilie koos. Hierin poneert hij de tabula rasa, the blank slate of het onbeschreven blad als antropologisch uitgangspunt en neemt daarmee een uitgesproken stelling in in het zgn. nature-nurture-debat.



De vraag naar wat we van nature meegekregen hebben en wat we aangeleerd en aangeleund hebben gekregen is schier onvermijdelijk daar waar de mens weleens over zichzelf nadenkt. En die vraag steekt dan ook telkens in allerlei vormen de kop op en zal dat ook ws. altijd wel blijven doen.
Het geeft in ieder geval stof tot nadenken en heeft aanleiding gegeven tot vele verhitte debatten en boute stellingnamen.

De behavioristen mogen zeker tot voorvechters van de nurture- of maakbaarheidsgedachte gerekend worden.
Dat geldt in ieder geval voor ene Watson getuige het volgende citaat:
Geef mij een stuk of twaalf gezonde kinderen, goed gevormd, en een door mij zelf bepaalde wereld om ze groot te brengen en ik garandeer u dat ik elk ervan, wie u maar wil, kan trainen om, welk specialist ik maar zou kiezen te worden - dokter, advocaat, kunstenaar, winkelchef, ja zelfs bedelaar en dief, ongeacht zijn talenten, neigingen, tendenties, vermogens, roepingen, en het ras van voorouders.

Het behaviorisme groeide uit tot een van de belangrijkste en invloedrijkste stromingen binnen de psychologie. Enerzijds was er als uitgangspunt deze ultieme maakbaarheidsgedachte van Watson, die in de theorievorming niet geheel onomstreden of zonder enige nuancering en haken en ogen bleef, zoals de geïnteresseerde vorser uit de Wiki-entries Behaviorism en Radical behaviorism zou kunnen opmaken.
Anderzijds is het kindje van het behaviorisme, namelijk de gedragstherapie , tot alle hoeken van de psychologie en de samenleving doorgedrongen.
En is met name in de residentiële zorg, geestelijke gezondsheidszorg en de verwante opleidingen een niet te vermijden onderwerp en leerstuk geworden.

Onder de verklaarde tegenstanders van de aannamen en uitgangspunten van het behaviorisme is Noam Chomsky een van de belangrijkste en invloedrijkste figuren geweest.

volgende>