Thursday, November 28, 2013

Wednesday, November 27, 2013

De Wutachslucht

Alle water moet toch eens een keer naar en door de zee stromen. Dat uit de Breg en de Brigach stroomt via de Donau van het Zwarte Woud naar de Zwarte Zee. Die enorme plas water die we vanaf de oever van de Bodensee zagen, stroomt via de Rijn bij ons de Noordzee in. Het water uit de veel kleinere Feldsee en Titisee stroomt ook naar de Rijn. Vanaf de Titisee gaat dat via de Gutach (de goede Ach) die iets verderop de Wutach (de woedende Ach) gaat heten.
WutachSchattenmühle Na ons bezoek aan de Bodensee besloten we de volgende dag eens een stukje door de Slucht van de Wutach te gaan wandelen. Dat zou een bijzonder natuurgebied zijn met allerlei zeldzame vogeltjes, insecten en plantjes. En bovendien nog eens meer dan 500 soorten vlinders. Een blik op Google afbeeldingen was voldoende om ons ervan te overtuigen dat deze bestemming de moeite waard zou kunnen zijn. middenindeWutach Het begon als een grauwe dag die in de ochtend een buitje en verder nog wat verdwaalde druppels bracht. Geen leven zonder H2O, moeten we maar denken. Eerst reden we naar Löffingen waar we even rondwandelde, een boodschapje deden en koffie dronken. Löffingenpleintje Van daaruit naar Göschweiler en het informatie- en aansluitingspunt op de slucht. Dat was bij de Schattenmühle, waar we de auto parkeerden. Schattenmühle Van daar de bordjes gevolgd en een soms slibberig en smal pad gevolgd dat op en neer ging en ergens door een omgevallen boomstam geblokkeerd werd. boomoppad Een hier en daar wat spannende wandeling met gelukkig later ook wat bredere en begaanbaarder stukken. langshetpad
Toch wel leuk maar echte wandelschoenen met een goed of althans beter profiel dan de mijne, zijn beslist aan te raden op dit soort paden. Wanderpfad Zo’n vijf-en-een-halve á zes kilometers hebben we gelopen vanaf de Schattenmühle tot aan Boll, waar we de Wutachslucht weer achter ons lieten. Daar hadden we dan inmiddels zo’n slordige drie uur over gedaan. wegwijzeruil Gelukkig was de Aach niet boos vandaag, want dan had deze wandeling ongetwijfeld nog langer geduurd. Deze tijd ofwel het vroege najaar wordt ook aanbevolen als de veiligste periode voor een wandelingetje door de Slucht. hengeltjeuitgooien Vanuit Boll namen we na een soepje in de Vesperstüble de bus terug naar de parkeerplaats Schattenmühle. De bus deed er zo’n vijf minuten over. Daar sloof je je dan voor uit over zo’n wanderpfad, dat op deze zaterdag overigens nog vrij druk betreden werd. busterug

Sunday, November 24, 2013

Boeken en handicaps

Ja, ook ik ben nadrukkelijk pro-VPRO.

Vanmorgen het laatste stukje en zojuist het begin gezien.
Wel een kleine promo waard:

Saturday, November 23, 2013

Wetenschappelijke waarheden; zeker weten of eerder wat sleets? (7)

Er valt natuurlijk heus wel wat meer over ‘wetenschap’ te melden dan waar ik weet van heb en op dit blog kan of zal doen. Toch wil ik nog even twee, naar mijn smaak toch wel intrigerende, kwesties of fenomenen in verband met wetenschap aanroeren.
Om te beginnen dan wat bedenkingen over hoe zeker of hoe sleets zijn de bevindingen van de wetenschap en het daar uit voort vloeiende kennisbestand.

WetenschapLabel

In onze familie zijn wij, zo als dat heet, erfelijk belast met iets dat te boek staat als hypercholesterolemie. Na zijn eerste hartaanval werd mijn vader van alle kanten op het hart gedrukt zich toch vooral strak aan het voorgeschreven cholesterol-arme dieet te houden. Dat ging hem zeker wel eens aan het hart, zoals bijvoorbeeld bij die heerlijke haring en makreel, waar ie z'n vingers wel bij af kon likken maar die hem ten strengste afgeraden werden. Vette vis was namelijk uit den boze destijds in dat dieet.
Nu wordt mij, in verband met datzelfde cholesterolgehalte van alle kanten aanbevolen om minstens één à twee keer per week vette vis te eten. En beide tegenstrijdige adviezen zijn uiteraard gebaseerd op de wetenschappelijke kennis van het moment.

Ja, wat we nu weten wisten we natuurlijk gisteren nog niet en dat noemen we dan heel mooi ‘voortschrijdend inzicht’. Dit is dan zomaar een voorbeeldje uit mijn leven gegrepen; een voorbeeld dat zich moeiteloos tot een flinke lijst zal laten aanvullen door anderen die dergelijke ervaringen zullen hebben met diabetes, maagzweren of noem maar op.

Wetenschap-om-de-hoek

Dat roept enerzijds de vraag op of onze wetenschappelijke kennis niet wat erg snel sleets wordt, en zomaar achterhaald kan blijken; in ieder geval geen absolute zekerheid te bieden. Wetenschappelijke kennis lijkt dan vooral voorlopige kennis dat wacht op het bewijs van het tegendeel of op een her-interpretatie die de dingen en ander gewicht en nieuwe plek in het geheel geeft.
Anderzijds onderstreept het de gedachte van voortschrijdend inzicht en een gestage danwel onstuimige vooruitgang waar het de wetenschappelijke en dus menselijke kennis betreft.
We weten steeds meer en de grenzen van onze kennis lijken vooralsnog niet in zicht. Sommige vooruitgangsgelovigen en wetenschapsadepten menen zelfs dat we op een goeie dag alles zullen weten. De hemel beware ons!
Ik wens en waag die mogelijkheid toch maar even te betwijfelen en hoe dan ook zijn we daar nog wel heel ver vandaan. Als we dan al zoveel weten is daar toch nog altijd eerst eens de vraag of en hoe we die kennis tot algemeen nut en welzijn aan zouden kunnen wenden. En aan de puinhopen, de onmacht en de wanhoop zo her en der de in de wereld valt bepaald nog niet af te lezen dat we op dat terrein spectaculaire vorderingen zouden maken.

vraagtekens

Zo lees ik bijvoorbeeld onlangs in de krant dat na een volle eeuw gebruik van P-waarde 0.05 als maat voor statistische significantie (d.w.z. dat een waargenomen effect significant genoemd wordt wanneer de kans dat het op stom toeval berust kleiner dan 5 procent is) men eindelijk eens openlijk het nut en de waarde van deze gouden standaard in de wetenschap durft aan te kaarten en te betwijfelen.
Met name in de sociale wetenschappen zou deze maat een eigen leven zijn gaan leiden en (weinig tot nietszeggende) ‘statistisch significant’ een soort doorslaggevend toverwoord geworden zijn.

p_waarde

Maar eigenlijk wil ik hier een ander mechanisme, dat wetenschappelijke bevindingen nogal eens sleets doet (b)lijken, onder de aandacht brengen. Een mechanisme dat incidenteel wel gesignaleerd wordt maar waarvan ik me niet kan herinneren daar ooit iets over in bijvoorbeeld de krant gelezen te hebben. Terwijl toch regelmatig wetenschap de krant haalt.
logo_V_volkskrant

Wel las ik daar iets over in het blad in Human Givens (vol.18, No 1 2011) waar Pat Williams er op haar persoonlijke pagina over schrijft onder de titel: Losing our tested ‘truths’ can be quite a relief. Daarin verhaalt ze hoe in de 60-er jaren een bevriende arts, die als onderzoeker van geneesmiddelen werkzaam was, haar vertelde over de hoogst merkwaardige uitkomsten van een serie double-blind trials bij het testen van een bepaald medicijn. Deze trials werden gedurende negen jaar elk jaar herhaald en de uitkomsten verschoven in die tijd geleidelijk van aanvankelijk positief naar uiteindelijk negatief. Geïntrigeerd informeerde Williams naar de documentatie daarover, waarop het antwoord luidde: ‘Dat is het gekke ervan, waar ik ook zocht, ik heb het nergens meer terug kunnen vinden’.
Vol-18.1 Het relaas van Pat Williams gaat verder over hoe ze zelf nog naar die bewuste onderzoeksgegevens gezocht heeft en hoe het telkens weer opduikende fenomeen, dat meermaals onderzochte en bevestigde onderzoeksresultaten in de loop der tijd lijken te verdampen of een andere wending te nemen, haar een halve eeuw bleef intrigeren.
Het fenomeen dat officieus ook wel ‘the decline effect’ gedoopt werd, werd ook door Jonah Lehrer aangekaart in: ‘The truth wears off’ in the New Yorker. Williams haalt dit artikel aan ter illustratie en bevestiging van iets sterkers dan een donkerbruin vermoeden. Dit artikel deed in de wetenschappelijke wereld overigens wel wat stof opwaaien en volledigheidshalve hier ook maar een link naar repliek op Lehrer.

HGbookcover

Pat Williams mijmert in haar rubriek nog wat door over vragen rond en mogelijke verklaringen voor onderhavig verschijnsel. Mijn oog valt dan vooral op één bepaalde opmerking; namelijk dat het de meeste wetenschappers die ze er naar vroeg nauwelijks scheen te verontrusten want, zo zeiden ze, als je op positieve resultaten uit bent zul je waarschijnlijk niet altijd even accuraat zijn als gewenst is of verondersteld wordt.

Ja, denk ik dan, en wanneer je er veel aan gelegen is om een bepaald iets te vinden en je blijft er naarstig naar zoeken zul je het waarschijnlijk ook wel ergens vinden. Dat hoeft niet al te zeer te verbazen en je hoeft je heus niet tot de methode Stapel te bekennen om in de buurt van een vooropgezet gewenst resultaat uit te komen. Je hoeft alleen maar de eis van Popper om je eigen hypothese onderuit te halen min of meer te negeren.

Pat-Williams Als citaat nog even de mooie slotzinnen uit het artikel van Pat Williams:
I don’t know what effect Lehrer’s report will have had on you, but it actually exhilarated me. I’m not, never have been, anti-science, but there is allways a sudden moment of delight, relief - and laughter - in finding that things pinned down by measurement or analysis or dogmatic theory have wriggled out of their straitjackets. Indeed when the illusion of stable reality shifts or cracks, however slightly, it’s like a wake-up call. I’m reminded that very little is as cut and dried as some scientific popularisers insist; and that there is a way out of what we’ve gone and locked ourselves into.
Samenvattend zouden we kunnen concluderen dat de aard en de richting van onze aandacht voor een belangrijk deel bepalend is voor wat we gaan zien en aantreffen.
Ofwel wij mensen zien veelal wat we willen zien! En dat blijkt dus ook voor wetenschappers op te gaan.
De andere kant van diezelfde medaille is dat we vaak niet (willen) zien wat zich toch klip en klaar voor onze neuzen afspeelt en voltrekt. Daarover is dan (toevallig?) in een volgend nummer van Human Givens magazine een mooie uiteenzetting te vinden. Vol18No2.jp

Dat betreft dan een interview door Denise Winn met Margaret Hefferman onder de veelzeggende titel: ‘Ignoring the glaringly obvious’.
Margaret Hefferman is naast onderneemster en chief-executive ook auteur van ondere andere het boek Wilfull Blindness.
Zij definiëert ‘wilfull blindness’ als een keuze om de werkelijkheid niet onder ogen te zien en liever weg te kijken.
Een citaat uit de inleiding:
‘Many, perhaps even most, of the greatest crimes have been comitted not in the dark, hidden where no one could see them, but in full view of so many people who simply chose not to look and not to question. Whether in the Catholic Church, … Nazi Germany, Madoff’s funds, the embers of BP’s oil refinery, the military in Iraq or the dog-eat-dog of sub prime mortgage lenders, the central challenge posed by each case was not harm that was invisible but harm that so many preferred to ignore.
Het boek staat vol met voorbeelden van ‘wilfull blindness’, waarin het fenomeen ‘cognitieve dissonantie’ (uit het werk van Leon Festinger) niet zelden een belangrijke rol speelt.
Ze noemt Tony Blair, die alle bewijs en argumenten van het tegendeel ten spijt glashard en ogenschijnlijk telkens overtuigder blijft volharden dat zijn keus voor de oorlog in Irak de enige juiste en onvermijdelijke keuze was, dan ook ‘a poster child for cognitive dissonance’.
Margaret Hefferman

Een pregnant voorbeeld uit de wetenschap is het geval van Alice Stewart. Stewart was een ambitieuze Britse arts-onderzoeker, die in de 50-er jaren met de nodige vindingrijkheid en gedrevenheid een goed en gedegen onderzoek naar de toename van kankergevallen bij jonge kinderen op poten wist te zetten. De verontrustende resultaten van dit onderzoek wezen duidelijk en helder in de richting röntgenstraling tijdens de zwangerschap als de grote boosdoener. Haar bevindingen, waarvan de gegevens voor ieder toegankelijk waren en die in grotere onderzoeken aan Harvard in de VS bevestigd werden, door de ‘scientific community’ onder aanvoering van Richard Doll afgedaan als ondeugdelijk en onwetenschappelijk.
Tot ontsteltenis van Stewart duurde het vervolgens nog 25 jaar in de VS en 26 jaar in het Verenigd Koninkrijk alvorens de medische praktijk in overeenstemming met haar bevindingen en de 'glaringly obvious’ werd aangepast.
Zie en hoor hier dat verhaal uit de mond van Hefferman zelf met nog een lesje in falsificatie:

Zo blijken ook wetenschappers last van de nodige valkuilen te hebben en maar al te gemakkelijk uitglijders te kunnen maken. Ook hier steekt regelmatig het NKK-syndroom de kop op; zeker wanneer we de rol van de media en de verwachtingen van het publiek (jij en ik) daarbij betrekken.
Dat men in de wetenschap een open houding en onbevangen blik naar alle kanten zou, of moet kunnen, hebben, lijkt soms een gemeenplaats. Maar dat zien we in de praktijk bepaald niet altijd terug waardoor sommige zogenaamde wetenschappelijke zeker- en waarheden wel eens wat al te dogmatisch of sleets kunnen blijken. Nu weten we van ene Brederoo dat het nog altijd kan verkeren. En misschien is openheid (alsook open access en open content), zoals Hefferman stelt, niet direct de sleutel tot maar wel het vertrekpunt naar gedegen kennis of beter inzicht en, wie weet, ‘best practices’.

De les:
The moment one gives close attention to anything, even a blade of grass, it becomes a magnificent world in itself
Henry Miller
Discovery consists of seeing what everybody has seen and thinkng what nobody has thought
Albert Szent-Gyorgyi

<< vorige | volgende >>

Wednesday, November 20, 2013

Gesproken brief aan jonge mensen

Nog geen reacties mogen ontvangen op de oproep van gisteren om de jeugd eens wat nuttige wijsheden mee te geven.
Ik weet ook niet of jonge mensen nu wel op dergelijke wijsheden zitten te wachten? Of anders misschien op een zonder opsmuk maar wel wat plechtig uitgesproken boodschap van een wat oudere professor van Harvard? Wel denk ik dat de jeugd en komende generaties wat meer wijsheid zouden kunnen peuren uit en dus meer gebaat kunnen zijn bij deze gesproken brief door Roberto Mangabeira Unger dan bij het reciteren van onze tegeltjeswijsheden.

Bij deze dan:


Unger heeft uiteraard nog veel meer zinnigs te vertellen.

Tuesday, November 19, 2013

Tegeltjeswijsheid op Google+

In onze moderne snelle en gehaaste wereld doen one-liners en spreuken van het type tegeltjeswijsheden het meestal beter dan al dan niet grote verhalen.
Zo wordt ik wanneer ik mijn Google+ pagina open gewoonlijk getrakteerd op een redelijk uitgebreide verzameling van dat soort wijsheden onder de noemer Thought. Ik zal wel eens op een paar aardige uitspraken gestuit zijn en toen op een 'button' of knopje 'abonneren' geklikt hebben.
Er zitten ook zeker heel aardige en wijze zegswijzen en spreuken tussen; zo zie ik er de naam van ene Albert Einstein nog wel eens bij vermeld staan en dat is toch iemand wiens uitspraken ik zelf ook nog wel eens graag mag citeren of aanhalen.

Nu las ik van de week tussen al die wijsheden de volgende door een mij onbekende (en wat mij betreft verder niet interessante) Miles Kington:
Kennis is weten dat een tomaat een vrucht is.
Wijsheid is om hem niet in een vruchtensalade te stoppen.
Waarop een andere grapjas reageerde met:
Genialiteit is die tomaat toch maar in een vruchtensalade te doen en daar een naar ieders smaak een heerlijke en geslaagde schotel mee te maken.
Is dat nu wijsheid, een adequate metafoor of gewoon spitsvondigheid?
watiswijsheid Er is trouwens ook een bijbelboek dat 'Spreuken' heet, maar veel seculieren alsook gelovigen lijken toch deze nieuwe verzamelingen wijsheden van overal en nergens (van het onderhavige type Thought) tegenwoordig als hun bijbeltje of morele kompas te hanteren.
Mij zijn het er toch meestal iets te veel bij elkaar op die Google+ pagina en ik mis nogal eens een goed verhaal daarbij. Bovendien geven al die wijsheden zelden of nooit eens een helder antwoord op de waarom-vraag.
Er zitten echter ook wel eens leuke plaatjes tussen; en zoals ook een bekende spreuk luidt: a picture can paint a thousand words! Squarethinking
Waar zullen we deze nieuwe lege tegeltjes nu eens mee opvullen?
Wie heeft er nog een paar wijsheden in de aanbieding voor de volgende generatie?
invultegeltje

Sunday, November 17, 2013

Why did the chicken ….? (4 en slot)

why-did-the-chicken-cross-the-road

Darwin: Chickens, over great periods of time, have been naturally selected in such a way that they are now genetically disposed to cross roads.

Einstein: Whether the chicken crossed the road or the road moved beneath the chicken depends upon your frame of reference.
8 einstein

Buddha: Asking this question denies your own chicken nature.

Michael Schumacher: It was an instinctive manouvre, the chicken obviously didn't see the road until he had already started to cross.

Hilary Clinton: It was part of a vast right-wing conspiracy against my husband.

Bill Clinton: The chicken did not cross the road. Not a single time. Never (it was a boulevard).

Ernest Hemmingway: To die. In the rain.

Chickenjokes-WhyDidTheChickenCrossTheRoadErnestHemingway331

Het eerste antwoord in de reeks van de kleuterjuf en dat laatste van Hemmingway komen mij toch nog als het meest aannemelijk voor.

ChickenCrossingRd

Ook de kippekreet van Martin Luther King doet me wel wat, evenals de reactie van Bob Dylan (overigens niet in dit lijstje vermeld):
‘How many roads must one chicken cross ….?’
Het antwoord van Andersen Consulting was op het eerste gezicht toch wat onnavolgbaar in zijn nietszeggende complexiteit, maar let wel en zie en hoor eens goed om je heen; dan moet dit taalgebruik en gekakel je toch redelijk vertrouwd in de oren klinken. De dames en heren politici, ambtenaren, zakenlieden, managers, consultants of andere bollebozen en zogeheten professionals bedienen zich er met gestage en niet aflatende regelmaat van.

Chickenpush

Een aantal van bovengenoemde antwoorden zijn vast wat gedateerd en er zijn ongetwijfeld heel wat aardige en ook actuelere te vinden.
Wat zou het bijvoorbeeld antwoord van Mark Rutte kunnen zijn op deze vraag?

destiny-crop

Ons Nederlandse equivalent van de prangende vraag waarom de kip ..., luidt dan natuurlijk: waarom zijn de bananen krom? Maar daar hoor je toch zelden of nooit zulke amusante antwoorden op en al zeker niet zo talrijk en gevarieerd.
Tenslotte nog even het soms wilde maar meestal zinnige en relativerende commentaar van Doug Savage: Savagechickenquestion

Thursday, November 14, 2013

Een dagje Bodensee

Op weg naar Italië, waren we ooit eens langs de Bodensee gereden. Dat was toen in de buurt van Lindau en door Bregenz. Maar daar kan ik me, op wat flarden na, niet zo veel meer van herinneren. Reden om nu we daar toch niet zover vandaan bivakkeerden, die Bodensee eens wat meer op ons gemak aan te doen op, toevallig, vrijdag de dertiende.
De Bodensee is een van de grotere meren in Europa en is gelegen in de bovenloop van de Rijn. Een belangrijke bron van drinkwater voor de wijde omtrek. Diezelfde Rijn die in ons land in zee stroomt en daar zelfs nog wat smeltwater uit Italië loost. LudwigshafenBodenseebluehorizon
Op die vrijdag de dertiende reden we dan richting Ludwigshafen met het idee om vandaar af, waar mogelijk langs het water, de route naar Friedrichshafen te vervolgen. De eerste stop werd inderdaad Ludwigshafen. Een klein en aangenaam plaatsje met duidelijk toeristische trekjes. Bovendien liet de zon zich na een aantal dagen weer eens zien, hetgeen zeker bijdroeg aan het welverdiende vakantiegevoel. LudwigshafenBodenseelangshetwater Half uurtje rondgelopen en vervolgens koffie gedronken aan de waterkant. Iets verder was een trouwerij gaande en werden toeristen door een gids vermaakt bij een reliëf waarop de (plaatselijke?) politiek en actualiteit op de hak genomen werd.
(nog wat foto's Ludwigshafen) LudwigshafenBodenseereliëfrechterpaneel
De volgende stop werd Überlingen, een wat grotere plaats met uiteraard ook een promenade langs de waterkant, een aanlegplaats voor de veerboten en wat jachthaventjes.
De openbare bibliotheek, hoewel uiterst bescheiden, doet zijn naam zondermeer eer aan. BodenseeÜberlingenOpenbiblioboekenkast Het pleintje in het midden van de promenade had een bijzondere beeldengroep annex fontein van een Reiter. BodenseeÜberlingenReitergroep Op enig moment begon het, toen we net de parkeermeter nog wat bijgevuld hadden zomaar weer te regenen. Een terrasje opgezocht waarbij zo'n grote parasol als paraplu dienst mocht doen. BodenseeÜberlingenterras (nog wat foto's Überlingen)
Vervolgens door naar Friedrichshafen, was het plan. Vlak voor Friedrichshafen bedacht ik dat het een grotere stad was en het misschien leuker en handiger was om een kleiner en overzichtelijker plaatsje op te zoeken voor een maaltijd aan de waterkant. BodenseebijÜberlingeb Het eerste plaatsje dat daar voor in aanmerking leek te komen bleek een leuk uitziend parkje maar geen horeca aan het water te hebben. De agrarische sector in deze omgeving was overduidelijk gericht op de wijnbouw. Bodenseewijnbouwrond De volgende poging bracht ons helemaal de verkeerde kant uit en aldus besloten we om terug te keren en ons geluk en vakantiegevoel in Meersburg te beproeven. Dat zag er op de heenweg in een oogopslag wel uit als een pittoresk en typisch Duits plaatsje. BodenseeMeersburgstadspoort Dat bleek bij nadere beschouwing inderdaad het geval. De Altstadt had wel iets van openluchtmuseum met dien verstande dat het nog gewoon en door moderne mensen bewoond werd. BodenseeMeersburgtorentjes BodenseeMeersburgburcht Veel van hen leken voor hun nering dan wel weer afhankelijk van het toerisme. We zagen al geruime tijd zeppelins richting Konstanz over het meer heen en weer gaan, die uit Friedrichshafen kwamen waar ook het Zeppelinmuseum huist. BodenseeMeersburgZeppelin Hier in Meersburg hebben ze daar schijnbaar een mini-uitvoering of een dependance van. BodenseeMeersburgZeppelinmuseum
De Atltstad al kuierend en rondkijkend afgedaald richting Untenstad en waterkant waar natuurlijk weer een promenade langs het water te vinden was met van het begin tot het eind eet- en drinkgelgenheden met terrasjes. Daar bij de één na laatste tent met de naam Seepromenade een smakelijke visschotel gegeten. BodenseeMeersburgavondmaal Who goes down must climb up, nietwaar, dus met volle maag de Steigweg (zo heette die echt en steil was ie) weer omhoog genomen naar de parkeergarage om de weg terug naar ons hotel in Donaueschingen, nabij de oorsprong van de Donau, weer te aanvaarden.
(foto's Meersburg) BodenseeMeersburgSteigweg Dat was een geenszins onaangenaam verpozen deze dag aan de Bodensee. Als elke vrijdag de dertiende toch een dergelijke indruk achter zou laten, zie ik al naar de volgende uit.

Saturday, November 9, 2013

Wetenschappen; een heel gamma aan ..(6)

Op de voorpagina van de Volkskrant lees ik vandaag:
Vier manieren om de perverse prikkels in de wetenschap te pareren
Het bewuste artikel moet ik overigens nog lezen maar nu de wetenschap, en dan met name de minder mooie kantjes uit de gangbare (en routinematige) praktijk van het wetenschappelijk bedrijf, zo prominent in het nieuws prijken moest ik er vanuit mijn lekenperspectief ook maar weer eens vervolgblogje in de serie wetenschap tegenaan gooien.

Wetenschap laat zich op diverse manieren indelen of typeren. Een vrij gangbare en heldere indeling is die maar onderwerp tussen alfa-, bèta- en gammawetenschappen:

- Alfawetenschappen hebben dan als studieobject de producten van menselijk handelen. Alpha_uc_lc.svg
- Bètawetenschappenhebben als studieobject de niet-menselijke natuur. 800px-Beta_uc_lc.svg
- Gammawetenschappen hebben als studieobject het menselijk handelen. 800px-Gamma_uc_lc.svg
Daarnaast zou je ook nog de formele wetenschappen kunnen onderscheiden.
Een ander onderscheid is dat tussen fundamentele en toegepaste wetenschap.

Zo zijn er nog vele onderscheidingen mogelijk. zoals die tussen protoscience, erkende wetenschap of mainstreamscience en pseudoscience. Hier een lijstje van pseudowetenschappen volgens huidig geldende criteria van de 'scientific community'. In ons land kennen we de stichting Skepsis die zich ten doel stelt pseudowetenschap te ontmaskeren en aan de schandpaal te nagelen.
Bij onze zuiderburen wijdt Skepp zich aan deze taak. Zelf meen ik dat menselijke hoogmoed, dogma's en absolutisme (ook of misschien wel juist wanneer die uit naam van wetenschappelijkheid ondersteund, gepredikt of verdedigd worden) heel wat gevaarlijker kunnen zijn dan sommige fenomenen en opvattingen zoals die zo fervent door deze sceptici bestreden worden; en laat ik me liever leiden door de woorden van Jacob Bronowski:

Om nog even de aandacht te vestigen op de haast duizelingwekkende veelheid waar het gaat om takken van wetenschap hier nog even een opsomming voor de geïnteresseerden die wel houden van lijstjes en volledigheid. Kortom het bestaande gamma aan wetenschappen is meer dan ik kan behappen of bevatten.

Mijn insteek in en belangstelling voor deze materie betreft dan vooral het onderscheid tussen de exacte of natuurwetenschappen en de sociale of geesteswetenschappen.
Een onderscheid dat we in de vorm van het ‘Verstehen und Erklären’ reeds kennen van de ouwe Dilthey. Eerder meldde ik daar eens over:
En daarmee maakte hij een onderscheid tussen geesteswetenschappen en natuurwetenschappen met elk hun eigen manier om tot de kern van de zaak of de waarheid te komen danwel die zo dicht mogelijk te benaderen. 'Verstehen und Erklären' Voor de geesteswetenschappen is dat het 'verstehen' ofwel het verstaan, begrijpen of invoelend betekenissen ontwaren en voor de natuurwetenschappen is dat het 'erklären' of theoretiserend verklaringen zoeken en hypothesen testen voor verschijnselen en processen die niet des mensen zijn; zeg maar, dat wat ons wezensvreemd is.

Nu zullen veel vormen van dat 'begrijpen en verklaren' vaak op een glijdende schaal wat door elkaar heen en weer bewegen en elkaar soms wat overlappen maar op enig moment stuiten we, dunkt me, toch onvermijdelijk ook op fundamentele en onverenigbare verschillen.
Het, naar mijn inzicht, fundamentele en niet onbelangrijke onderscheid tussen de natuurwetenschappen en sociale wetenschappen wordt door John Searle vrij nauwgezet en adequaat geduid en filosofisch onderbouwd door een onderscheid te maken tussen ‘observer independent’ en ‘observer dependent’ fenomenen te maken. De natuurwetenschappen richten zich dan op die eerste klasse terwijl de sociale wetenschappen zich met de verschijnselen van de tweede soort bezighoudt.
Verder maakt hij onderscheid tussen wat als ontologisch of als epistemisch respectievelijk objectief danwel subjectief aangemerkt kan worden.

<< vorig | volgend >>

Thursday, November 7, 2013

Wetenschap in het nieuws

Gisteren maakte ik in dat deprimerende blogje over de Nederlanders als de sombermansen van Europa terloops melding van een artikeltje daaronder over Ware wetenschap.

Daarin werd ook Frank Miedema, decaan van het UMC Utrecht, ten tonele gevoerd met de nodige kritiek op de mores en de praktijk van het wetenschappelijk bedrijf. Miedema is een van de initiatiefnemers van het project ‘Science in transition’ waarin men nadenkt hoe het beter en eerlijker kan in de wetenschap. Een initiatief dat uiteraard op mijn sympathie en volledige instemming kan rekenen.

Vandaag pakt de Volkskrant uit met een pagina beslaand interview door Tonie Mudde met Frank Miedema over dat initiatief.

Wetenschap is blijkbaar ‘hot’ op dit moment, maar ook ‘crooked’ zoals uit dit interview mag blijken en we natuurlijk al wisten sinds de laaienlichterij van Diederik Stapel onthuld werd.

Wie geïnteresseerd is moet het zelf toch even lezen maar hier even wat veelzeggende kopregels eruit:
‘De prikkels in de wetenschap zijn net zo pervers als bij de banken’

Tijd om de kat de bel aan te binden, vindt Frank Miedema, bestuurder van het Utrechts academisch ziekenhuis: erken dat veel andere belangen goed wetenschappelijk onderzoek in de weg staan.

‘Wetenschappers zijn net mensen: ze hebben zuivere motieven maar ook minder zuivere motieven’

Onder aan de pagina een verwijzing naar een artikel verder in de krant met: Hoogleraren grossieren in bijbanen
Dat artikel door Peter de Waard vinden we dan in het katern Economie en kopt:
Banken en accountantskantoren maken graag goede sier met economen

Hoogleraren stapelen bijbanen op
En begint met de zin: Hoogleraren economie en financiën grossieren in bijbanen. Drie van de vijf hebben nauwe banden met consultants, pensioenfondsen of andere financiële partijen.

Tja als de wetenschap in als geheel een zelfde staat van dienst en niveau van wetenschappelijkheid zou ambiëren of bereiken als ‘de wetenschap van de economie’, dan zie ik de toekomst toch wel heel duister in!

Wetenschap was onlangs regelmatig in het nieuws maar doorgaans nogal negatief of opgeblazen. De knuppel ligt in het hoenderhok en we verwachten hier de komende tijd vast nog iets over te vernemen.

Wednesday, November 6, 2013

Borderline, bipolariteit of andere grillen?

Dat het kan verkeren zal de lezer van dit blog inmiddels niet onbekend zijn.
Dat het in het moderne leven toch wel wat vaak en snel wil verkeren zal de meesten onder ons ook niet ontgaan zijn.

Wispelturigheid in opvattingen, gedrag, beeldvorming en zo meer zijn ons bepaald niet vreemd en lijken ook steeds nadrukkelijker het politieke, economische en maatschappelijke beeld te bepalen.
Ja, Panta rhei, ik weet het, maar ‘t ken te gek ôk, hè, zoals we hier in Westfriesland zeggen.
Het lijkt nota bene ook nog ons psychisch welbevinden, mentaal evenwicht en de gemoedsrust in ernstige mate te beroeren.

Dirk de Wachter deed daar onlangs nog eens een boekje over open en leek daarmee een gevoelige zenuw in onze samenleving geraakt te hebben. (Voor wat meer uitleg of uitweiding in deze zie het blog van Henk50)
BorderlineTimes
Nu zie ik vandaag op de wetenschapspagina in de krant dat onderzoekers van de Universiteit van Queensland gisteren het rapport Global Burden of Disease 2010 gepresenteerd hebben (zie hier). En de Volkskrant presenteert mij in het artikel Nederlander het depressiefst, een kaartje van Europa langs de depressie-meetlat.
En daaruit blijkt dat wij het diepst in de put zitten van alle Europeanen!

Ze meten toch ook maar alles, nietwaar, die wetenschappers. Hier werd het aantal levensjaren dat mensen ongemak ondervinden door depressie gemeten. De onderzoekers maakten daarbij gebruik van de criteria zoals die in de DSM IV gebruikt werden (Ik weet inmiddels niet meer of dat nog als een aanbeveling mag gelden).
DSM-V-preparation--300x252
Jan Swinkels zwakt het resultaat van deze meting direct af met: ‘Het gaat vooral over perceptie.’ Onderzoeksleidster Alize Ferrari merkt zelf op: ‘Door een onzekerheidsmarge is het niet gezegd dat de hoog en laag scorende landen significant afwijken van het wereldgemiddelde.’
Wat hebben ze dan gemeten en waarom zouden wij dat moeten weten?; zou je je dan toch zomaar af kunnen vragen.
Het artikeltje daaronder aangaande de verslaggeving door de wetenschapsredactie kopt toevallig: Ware wetenschap en We gaan het anders doen, maar dat even terzijde.
Die wetenschappers, die weten toch ook wat!

Dat kaartje, hier voor m’n neus, blijft toch maar intrigeren en de conclusie dringt zich op dat naarmate landen in Europa welvarender zijn, de mensen daar ook het meest geplaagd worden door depressieve buien en gevoelens.
Rara hoe kan dat?
economie_nl_stort_in
En het paradoxale is natuurlijk dat wanneer er onderzoek gedaan wordt naar geluksbeleving Nederland recentelijk steeds in de top-drie te vinden is!
Ook wat lastig te rijmen of zijn we dan met z'n allen toch borderliners aan het worden of hebben we wat last van een bipolaire tic?
Of heb ik gewoon een beetje last van cognitieve dissonantie?